Toelichting bij COM(2011)679 - Associatieovereenkomst met Midden-Amerika - EU monitor

EU monitor; Kennis Management Tool
logo PDC
Vrijdag 24 mei 2013
 
dossier COM(2011)679 - Associatieovereenkomst met Midden-Amerika.
bron COM(2011)679NLEN
datum 25-10-2011


1.

Achtergrond



Bijgaand voorstel is het rechtsinstrument voor de sluiting van de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Midden-Amerika, anderzijds, hierna 'de overeenkomst' genoemd:

- voorstel voor een besluit van de Raad tot sluiting van de overeenkomst.

Tijdens de top tussen de Europese Unie, Latijns-Amerika en de landen van het Caribisch gebied die op 12 en 13 mei 2006 in Wenen werd gehouden, besloten de staatshoofden en regeringsleiders van de Europese Unie en van een aantal Midden-Amerikaanse republieken om onderhandelingen te openen over een associatieovereenkomst tussen de twee regio's, die ook een vrijhandelsovereenkomst zou omvatten. In oktober 2007 gingen de onderhandelingen officieel van start nadat de Raad in april 2007 hiertoe machtiging had verleend.

Panama, dat de onderhandelingen als waarnemer had bijgewoond, verzocht in januari 2010 om toetreding tot de onderhandelingen. De EU heeft formeel haar goedkeuring aan de deelname van Panama gehecht door een wijziging van de onderhandelingsrichtsnoeren die op 10 maart 2010 door de Raad werd aangenomen.

De onderhandelingen werden in mei 2010 met succes afgesloten, en na een juridische analyse werd de tekst van de overeenkomst op 22 maart 2011 geparafeerd.

Wat de politieke dialoog betreft, omvat de overeenkomst alle politieke clausules die essentieel zijn om de waarden van de EU tot uiting te brengen. In de politieke clausules, die verschillende doelstellingen van het buitenlandse beleid beogen, zijn die betreffende de mensenrechten, democratie en rechtsstaat van specifiek belang omdat zij de kern van de EU-waarden vertegenwoordigen. Op het gebied van de samenwerking heeft de Commissie bereikt dat bepalingen zijn opgenomen die de samenwerking tussen de twee regio's op alle terreinen van gemeenschappelijk belang versterken; hierdoor moet een duurzamer en rechtvaardiger sociale en economische ontwikkeling in beide regio's tot stand komen.

Overeenkomstig de onderhandelingsrichtsnoeren heeft de Commissie ten aanzien van het handelsgedeelte van de overeenkomst de volgende doelstellingen bereikt: afschaffing van hoge tarieven, opheffing van technische handelsbelemmeringen, liberalisering van de dienstenmarkten, bescherming van waardevolle geografische aanduidingen uit de EU, openstelling van de markten voor overheidsaanbestedingen, opneming van verbintenissen over de handhaving van arbeids- en milieunormen en het ter beschikking stellen van doeltreffende, snelle procedures voor de beslechting van geschillen. Derhalve werd het doel bereikt om aanzienlijk verder te gaan dan de WTO-verbintenissen en ervoor te zorgen dat voor de EU dezelfde voorwaarden gelden als voor concurrenten uit de regio.

De EU-lidstaten werden via de werkgroepen AMLAT en COLAT en het Comité handelspolitiek van de Raad mondeling en schriftelijk op de hoogte gehouden van de voortgang van de onderhandelingen met Midden-Amerika. Ook de Commissie internationale handel en de delegatie voor Midden-Amerika van het Europees Parlement zijn regelmatig over de ontwikkelingen ingelicht. Zowel de Raad als het Europees Parlement kregen gedurende het gehele proces inzage in de teksten die uit de onderhandelingen resulteerden. In september 2009 werden de potentiële economische, sociale en milieu-effecten van het handelsgedeelte van de overeenkomst in een onafhankelijke en gedetailleerde duurzaamheidseffectbeoordeling beoordeeld, waarna de diensten van de Commissie in juni 2010 hun opmerkingen hierover indienden.

2.

2. Aard en werkingssfeer van de overeenkomst


De politieke dialoog is er vooral op gericht om op basis van waarden, beginselen en gemeenschappelijke doelstellingen een geprivilegieerd politiek partnerschap tot stand te brengen ten behoeve van een nauwere samenwerking op alle terreinen die voor ons van belang zijn, met name ten aanzien van de mensenrechten, conflictpreventie en goed bestuur, regionale integratie, bestrijding van armoede en ongelijkheid, en duurzame ontwikkeling. Het tweede deel van de overeenkomst betreft samenwerking, die tot uiting moet komen in concrete acties op alle terreinen van gemeenschappelijk belang, waaronder economische ontwikkeling, sociale samenhang, natuurlijke hulpbronnen, cultuur, justitie en wetenschappen.

Dankzij het handelsgedeelte van de overeenkomst tussen de EU en Midden-Amerika kunnen marktdeelnemers uit de EU ten volle profijt trekken van de mogelijkheden en van de nieuwe complementariteiten tussen hun economieën. Naarmate de overeenkomst ten uitvoer wordt gelegd, worden EU-exporteurs van industrie- en visserijproducten naar Midden-Amerika geleidelijk van de betaling van douanerechten bevrijd. De overeenkomst voldoet aan de voorwaarden van artikel XXIV van de GATT (afschaffing van douanerechten en andere handelsbeperkende maatregelen ten aanzien van nagenoeg alle handel tussen de partijen). Daarnaast laat zij op belangrijke gebieden Midden-Amerika minder ruimte om niet-tarifaire belemmeringen op te werpen, bijvoorbeeld ten aanzien van de etiketteringsvoorschriften voor textiel. Midden-Amerika zal profiteren van een veel betere toegang tot de EU-markt, in het bijzonder voor zijn belangrijkste landbouwproducten - bananen, suiker, rundvlees en rum -, en verder zal de EU bij de inwerkingtreding van de overeenkomst volledige vrijstelling verlenen voor industrie- en visserijproducten van oorsprong uit Midden-Amerika.

Wat diensten en vestiging betreft, zijn van de Midden-Amerikaanse republieken verbintenissen verkregen die verder gaan dan die welke zij in het kader van de GATS (Algemene Overeenkomst inzake de handel in diensten) zijn aangegaan. Deze verbintenissen zijn in overeenstemming met essentiële EU-belangen in belangrijke sectoren (met name telecommunicatie, milieu, zeevaart en ander vervoer), terwijl verder voor de EU gevoelige kwesties in acht zijn genomen, zoals de voorwaarden voor de tijdelijke aanwezigheid van natuurlijke personen voor zaken (vorm van dienstverlening 4). In sommige sectoren zijn de door de Midden-Amerikaanse republieken aangeboden verbintenissen in feite gelijk aan die uit hoofde van andere door Midden-Amerika gesloten overeenkomsten, zoals de CAFTA, of gaan zij zelfs verder, zoals op het gebied van markttoegang in niet-dienstensectoren of de zeevaart. Bij de overheidsopdrachten bieden de met Midden-Amerika overeengekomen bepalingen belangrijke toegangsmogelijkheden, zowel op het niveau van de centrale overheid als op lagere bestuursniveaus (opdrachten in verband met het Panamakanaal zijn bijvoorbeeld inbegrepen).

Bovendien bevat de overeenkomst een aantal regels die verder gaan dan de in multilateraal verband overeengekomen standaarden, met name op het gebied van de intellectuele eigendom (zo worden 224 geografische aanduidingen uit de EU beschermd en worden voorwaarden inzake gegevensbescherming verduidelijkt), duurzame ontwikkeling (de overeenkomst is op het punt van arbeid en milieu ten minste gelijkwaardig aan SAP+ en bevat specifieke verbintenissen met betrekking tot duurzame visserij), mededinging (regels met betrekking tot monopolies, transparantieverplichtingen inzake subsidies), technische handelsbelemmeringen (markttoezicht, transparantie in regelgevingsprocedures en regels inzake etikettering en merking), sanitaire en fytosanitaire maatregelen (WTO+-maatregelen over dierenwelzijn, regionalisering, goedkeuring van uitvoerinrichtingen, inspecties ter plaatse en invoercontroles), enzovoort.

Tot slot schept de overeenkomst een doeltreffend institutioneel kader voor de tenuitvoerlegging ervan: er worden zowel een Associatieraad als een Associatiecomité opgericht, die worden bijgestaan door een reeks subcomités voor werk en overleg over de verschillende terreinen die door het handelsgedeelte van de overeenkomst worden bestreken, en er is ook een bilaterale regeling voor geschillenbeslechting.

In het algemeen zal de overeenkomst derhalve - in aanvulling op de WTO-regels - een beleid van open markten en van inachtneming van internationaal overeengekomen voorschriften en optimale praktijken op binnenlands niveau vastleggen en stimuleren, en tegelijkertijd in de regio voor een transparant, niet-discriminerend en voorspelbaar kader voor marktdeelnemers en investeerders uit de EU zorgen.

Aangezien ook de lidstaten van de Europese Unie partij bij deze overeenkomst zullen zijn op grond van bepaalde verbintenissen in het protocol betreffende culturele samenwerking, moeten zij de overeenkomst volgens hun interne procedures ratificeren. Daar kan veel tijd mee gemoeid zijn. Om ervoor te zorgen dat het handelsgedeelte van de overeenkomst in afwachting van ratificatie door alle lidstaten toch meteen kan worden toegepast, stelt de Commissie voor het handelsgedeelte voorlopig al toe te passen. Gezien het belang van de overeenkomst acht de Commissie het wenselijk dat de Raad de in artikel 353, leden 2 tot en met 4, bedoelde kennisgevingen pas na verloop van enige tijd verstuurt, zodat het Europees Parlement tijd heeft zijn standpunt over de overeenkomst kenbaar te maken. De Commissie is bereid met de Raad en het Europees Parlement samen te werken om ervoor te zorgen dat het handelsgedeelte van de overeenkomst in 2012 voorlopig kan worden toegepast.

3.

3. PROCEDURES


De Commissie acht de resultaten van de onderhandelingen bevredigend en verzoekt de Raad:

- namens de Europese Unie de overeenkomst tussen de EU en haar lidstaten, enerzijds, en Midden-Amerika, anderzijds, te sluiten.

- Het Europees Parlement zal worden verzocht de sluiting van de overeenkomst tussen de EU en haar lidstaten, enerzijds, en Midden-Amerika, anderzijds, goed te keuren.