Artikelen bij COM(2016)198 - Wijziging van Richtlijn 2013/34/EU wat betreft de openbaarmaking van informatie over de winstbelasting door bepaalde ondernemingen en bijkantoren

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.


Artikel 1 - Wijzigingen in Richtlijn 2013/34/EU

Richtlijn 2013/34/EU wordt als volgt gewijzigd:

(1) in artikel 1 wordt het volgende lid 1 bis ingevoegd:

"1 bis. De coördinatiemaatregelen die bij de artikelen 2, 48 bis tot en met 48 octies en 51 worden voorgeschreven, zijn ook van toepassing op de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten met betrekking tot bijkantoren die in een lidstaat zijn opgericht door een onderneming die niet onder het recht van een lidstaat valt, maar een rechtsvorm heeft die vergelijkbaar is met een van de in bijlage I genoemde ondernemingsvormen.";

(2) het volgende hoofdstuk 10 bis wordt ingevoegd:

"Hoofdstuk 10 bis

Verslag met informatie over de winstbelasting

Artikel 48 -  bis Definities inzake de rapportage van informatie over de winstbelasting

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

(1) 'uiteindelijke moederonderneming': een onderneming die de geconsolideerde financiële overzichten opstelt van het grootste geheel van ondernemingen;

(2) 'geconsolideerde financiële overzichten': de financiële overzichten die zijn opgesteld door een moederonderneming van een groep en waarin de activa, de passiva, het eigen vermogen, de baten en de lasten worden gepresenteerd als die van één economische eenheid;

(3) 'fiscaal rechtsgebied': een rechtsgebied van een staat of een niet-staat dat fiscale autonomie heeft wat de vennootschapsbelasting betreft.

Artikel 48 -  ter Ondernemingen en bijkantoren die over informatie over de winstbelasting moeten rapporteren

1. De lidstaten schrijven voor dat onder hun nationale recht vallende uiteindelijke moederondernemingen met een geconsolideerde netto-omzet van meer dan 750 000 000 EUR en onder hun nationale recht vallende ondernemingen die geen verbonden ondernemingen zijn en een netto-omzet van meer dan 750 000 000 EUR realiseren, jaarlijks een verslag met informatie over de winstbelasting moeten opstellen en publiceren.

Het verslag met informatie over de winstbelasting wordt op de datum van publicatie publiek toegankelijk gemaakt op de website van de onderneming.

2. De lidstaten passen de in lid 1 van dit artikel bedoelde regels niet toe op uiteindelijke moederondernemingen als die ondernemingen of hun verbonden ondernemingen onder artikel 89 van Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad* vallen en in een verslag per land informatie vermelden over alle activiteiten van alle verbonden ondernemingen die in het geconsolideerde financiële overzicht van die uiteindelijke moederondernemingen zijn opgenomen.

3. De lidstaten schrijven voor dat de in artikel 3, leden 3 en 4, bedoelde middelgrote en grote dochterondernemingen die onder hun nationale recht vallen en waarover een uiteindelijke moederonderneming die een geconsolideerde netto-omzet van meer dan 750 000 000 EUR realiseert en niet onder het recht van een lidstaat valt, zeggenschap uitoefent, jaarlijks het verslag met informatie over de winstbelasting van die uiteindelijke moederonderneming moeten publiceren.

Het verslag met informatie over de winstbelasting wordt op de datum van publicatie publiek toegankelijk gemaakt op de website van de dochteronderneming of op de website van een verbonden onderneming.

4. De lidstaten schrijven voor dat bijkantoren die op hun grondgebied zijn opgericht door een onderneming die niet onder het recht van een lidstaat valt, jaarlijks het verslag met informatie over de winstbelasting van de in lid 5, onder a), van dit artikel bedoelde uiteindelijke moederonderneming moeten publiceren.

Het verslag met informatie over de winstbelasting wordt op de datum van publicatie publiek toegankelijk gemaakt op de website van het bijkantoor of op de website van een verbonden onderneming.

De lidstaten passen de eerste alinea van dit lid alleen toe op bijkantoren met een netto-omzet die groter is dan de drempelwaarde voor de netto-omzet die overeenkomstig artikel 3, lid 2, in de wetgeving van elke lidstaat is vastgesteld.

5. De lidstaten passen de in lid 4 bedoelde regels alleen toe op een bijkantoor als aan de volgende criteria is voldaan:

(a)de onderneming die het bijkantoor heeft opgericht is ofwel een verbonden onderneming van een groep waarover een uiteindelijke moederonderneming die niet onder het recht van een lidstaat valt en een geconsolideerde netto-omzet van meer dan 750 000 000 EUR realiseert, zeggenschap uitoefent, ofwel een onderneming die geen verbonden onderneming is en een netto-omzet van meer dan 750 000 000 EUR realiseert;

(b)de onder a) bedoelde uiteindelijke moederonderneming heeft geen middelgrote of grote dochteronderneming als bedoeld in lid 3.

6. De lidstaten passen de in de leden 3 en 4 van dit artikel bedoelde regels niet toe indien een verslag met informatie over de winstbelasting dat overeenkomstig artikel 48 quater is opgesteld, binnen een redelijke termijn van niet meer dan 12 maanden na balansdatum publiek toegankelijk wordt gemaakt op de website van de uiteindelijke moederonderneming die niet onder het recht van een lidstaat valt, en indien in het verslag de naam en statutaire zetel worden vermeld van de ene dochteronderneming die of het ene bijkantoor dat onder het recht van een lidstaat valt en het verslag overeenkomstig artikel 48 quinquies, lid 1, heeft gepubliceerd.

7. De lidstaten schrijven voor dat dochterondernemingen of bijkantoren die niet onder de bepalingen van de leden 3 en 4 vallen, het verslag met informatie over de winstbelasting moeten publiceren en toegankelijk maken als die dochterondernemingen of bijkantoren zijn opgericht met als doel de rapportageverplichtingen in dit hoofdstuk te ontwijken.

Artikel 48 -  quater Inhoud van het verslag met informatie over de winstbelasting

1. Het verslag met informatie over de winstbelasting omvat informatie over alle activiteiten van de onderneming en de uiteindelijke moederonderneming, met inbegrip van de activiteiten van alle verbonden ondernemingen die in het financiële overzicht van het desbetreffende boekjaar zijn geconsolideerd.

2. De in lid 1 bedoelde informatie omvat het volgende:

(a)een korte beschrijving van de aard van de activiteiten;

(b)het aantal werknemers;

(c)het bedrag van de netto-omzet, met inbegrip van de met verbonden partijen gerealiseerde omzet;

(d)het bedrag van de winst of het verlies vóór winstbelasting;

(e)het bedrag van de toerekenbare winstbelasting (lopend boekjaar) – dit zijn de belastinglasten van het lopende jaar die in de belastbare winsten of verliezen van het boekjaar zijn opgenomen door ondernemingen en bijkantoren die fiscaal inwoner zijn van het desbetreffende fiscaal rechtsgebied;

(f)het bedrag van de betaalde winstbelasting – dit is het bedrag van de winstbelasting die ondernemingen en bijkantoren die fiscaal inwoner zijn van het desbetreffende fiscaal rechtsgebied tijdens het desbetreffende boekjaar hebben betaald; en

(g)het bedrag van de gecumuleerde winst.

Voor de toepassing van de eerste alinea, onder e), hebben de belastinglasten van het lopende jaar alleen betrekking op de activiteiten van een onderneming in het lopende boekjaar en omvatten deze geen uitgestelde belastingen of voorzieningen voor onzekere belastingverplichtingen.

3. In het verslag wordt de in lid 2 bedoelde informatie voor elke lidstaat afzonderlijk weergegeven. Wanneer een lidstaat meerdere fiscale rechtsgebieden omvat, wordt de informatie op het niveau van de lidstaat samengevoegd.

Het verslag bevat ook de in lid 2 van dit artikel bedoelde informatie afzonderlijk voor elk fiscaal rechtsgebied dat aan het einde van het vorige boekjaar was opgenomen in de overeenkomstig artikel 48 octies opgestelde gemeenschappelijke Unielijst met bepaalde fiscale rechtsgebieden, tenzij in het verslag, onder de in artikel 48 sexies bedoelde verantwoordelijkheid, uitdrukkelijk wordt bevestigd dat de verbonden ondernemingen van een groep die onder het recht van dat fiscaal rechtsgebied vallen, niet rechtstreeks transacties uitvoeren met een verbonden onderneming van dezelfde groep die onder het recht van een lidstaat valt.

In het verslag wordt de in lid 2 bedoelde informatie voor andere fiscale rechtsgebieden op geaggregeerde basis weergegeven.

De informatie wordt aan elk desbetreffend fiscaal rechtsgebied toegewezen op basis van het bestaan van een vaste bedrijfsvestiging of permanente bedrijfsactiviteiten waardoor de groep, vanwege haar activiteiten, in dat fiscaal rechtsgebied winstbelastingen is verschuldigd.

Indien de activiteiten van meerdere verbonden ondernemingen tot belastingplicht binnen één fiscaal rechtsgebied leiden, is de aan dat fiscaal rechtsgebied toegewezen informatie de som van de gegevens over dergelijke activiteiten van iedere verbonden onderneming en hun bijkantoren in dat fiscaal rechtsgebied.

Informatie over een bepaalde activiteit wordt niet gelijktijdig aan meer dan één fiscaal rechtsgebied toegerekend.

4. Het verslag bevat een algemene commentaar op groepsniveau met uitleg voor eventuele grote discrepanties tussen de overeenkomstig lid 2, punten e) en f), vermelde bedragen, in voorkomend geval, rekening houdend met de overeenkomstige bedragen in vorige boekjaren.

5. Het verslag met informatie over de winstbelasting wordt in ten minste één van de officiële talen van de Unie op de website gepubliceerd en toegankelijk gemaakt.

6. De in het verslag met informatie over de winstbelasting gebruikte munteenheid is de munteenheid waarin de geconsolideerde financiële overzichten worden gepresenteerd. De lidstaten mogen niet eisen dat dit verslag in een andere munteenheid wordt gepubliceerd dan de munteenheid die in de financiële overzichten wordt gebruikt.

7. Voor lidstaten die de euro niet hebben ingevoerd, is de tegenwaarde in de nationale munteenheid van de in artikel 48 ter, lid 1, genoemde drempelwaarde de waarde die wordt verkregen door toepassing van de wisselkoers die op [Publications Office- set the date = the date of the entry in force of this Directive] in het Publicatieblad van de Europese Unie wordt bekendgemaakt en die met niet meer dan 5 % wordt vermeerderd of verminderd om ronde bedragen in de nationale munteenheid te verkrijgen.

De in artikel 48 ter, leden 3 en 4, genoemde drempelwaarden worden omgezet in een bedrag van dezelfde waarde in de nationale munteenheid van de betrokken derde landen door toepassing van de wisselkoers op [Publications Office - set the date = the date of the entry in force of this Directive], afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal.

Artikel 48 -  quinquies Publicatie en toegankelijkheid

1. Het verslag met informatie over de winstbelasting wordt openbaar gemaakt op de wijze die overeenkomstig hoofdstuk 2 van Richtlijn 2009/101/EG in de wetgeving van elke lidstaat is vastgesteld, samen met de in artikel 30, lid 1, van deze richtlijn bedoelde documenten en, in voorkomend geval, met de boekhoudkundige documenten als bedoeld in artikel 9 van Richtlijn 89/666/EEG van de Raad**.

2. Het in artikel 48 ter, leden 1, 3, 4 en 6, bedoelde verslag blijft minstens vijf opeenvolgende jaren beschikbaar op de website.

Artikel 48 -  sexies Verantwoordelijkheid voor het opstellen, publiceren en toegankelijk maken van het verslag met informatie over de winstbelasting

1. De lidstaten zorgen ervoor dat de leden van de administratieve, leidinggevende en toezichthoudende organen van de in artikel 48 ter, lid 1, bedoelde uiteindelijke moederonderneming, handelend binnen het kader van de hun krachtens het nationaal recht toegewezen bevoegdheden, collectief verantwoordelijk zijn om ervoor te zorgen dat het verslag met informatie over de winstbelasting wordt opgesteld, gepubliceerd en toegankelijk gemaakt overeenkomstig de artikelen 48 ter, 48 quater en 48 quinquies.

2. De lidstaten zorgen ervoor dat de leden van de administratieve, leidinggevende en toezichthoudende organen van de in artikel 48 ter, lid 3, van deze richtlijn bedoelde dochterondernemingen en de perso(o)n(en) die is (zijn) aangewezen voor het vervullen van de in artikel 13 van Richtlijn 89/666/EEG bedoelde openbaarmakingsformaliteiten voor het in artikel 48 ter, lid 4, van deze richtlijn bedoelde bijkantoor, handelend binnen het kader van de hun krachtens het nationaal recht toegewezen bevoegdheden, collectief verantwoordelijk zijn om ervoor te zorgen dat het verslag met informatie over de winstbelasting naar hun beste weten en vermogen wordt opgesteld, gepubliceerd en toegankelijk gemaakt overeenkomstig de artikelen 48 ter, 48 quater en 48 quinquies.

Artikel 48 -  septies Onafhankelijke controle

De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer de financiële overzichten van een verbonden onderneming overeenkomstig artikel 34, lid 1, door een of meer wettelijke auditors of auditkantoren worden gecontroleerd, de wettelijke auditor(s) of het auditkantoor (de auditkantoren) tevens nagaat (nagaan) of het verslag met informatie over de winstbelasting overeenkomstig de artikelen 48 ter, 48 quater en 48 quinquies is verstrekt en toegankelijk gemaakt. Als het verslag met informatie over de winstbelasting niet is verstrekt of toegankelijk gemaakt overeenkomstig die artikelen, vermeldt (vermelden) de wettelijke auditor(s) of het auditkantoor (de auditkantoren) dit in het auditrapport.

Artikel 48 -  octies Gemeenschappelijke Unielijst met bepaalde fiscale rechtsgebieden

De Commissie is overeenkomstig artikel 49 bevoegd om gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot het opstellen van een gemeenschappelijke Unielijst met bepaalde fiscale rechtsgebieden. Die lijst is gebaseerd op de beoordeling van de fiscale rechtsgebieden die niet voldoen aan de volgende criteria:

(1) transparantie en uitwisseling van inlichtingen, met inbegrip van uitwisseling van inlichtingen op verzoek en automatische uitwisseling van inlichtingen over financiële rekeningen;

(2) eerlijke belastingconcurrentie;

(3) door de G20 en/of de OESO opgestelde normen;

(4) andere relevante normen, met inbegrip van door de Financial Action Task Force opgestelde internationale normen.

De Commissie evalueert de lijst regelmatig en wijzigt ze, indien nodig, om rekening te houden met nieuwe omstandigheden.

Artikel 48 -  nonies Aanvangsdatum voor de rapportage van informatie over de winstbelasting

De lidstaten zorgen ervoor dat de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen tot omzetting van de artikelen 48 bis tot en met 48 septies van toepassing zijn uiterlijk vanaf de aanvangsdatum van het eerste boekjaar dat op of na [Publications Office- set the date = one year after the transposition deadline] van start gaat.

Artikel 48 -  decies Verslag

De Commissie brengt verslag uit over de naleving en de effecten van de in de artikelen 48 bis tot en met 48 septies vastgestelde rapportageverplichtingen. In dat verslag wordt nagegaan of het verslag met informatie over de winstbelasting passende en evenredige resultaten oplevert, rekening houdend met de noodzaak om te zorgen voor voldoende transparantie en de behoefte van ondernemingen aan een concurrerende omgeving.

Het verslag wordt uiterlijk op [Publications Office- set the date = five years after the transposition date of this Directive] bij het Europees Parlement en de Raad ingediend."

(3) artikel 49 wordt als volgt gewijzigd:

(a)de leden 2 en 3 worden vervangen door:

"2. De in artikel 1, lid 2, artikel 3, lid 13, artikel 46, lid 2, en artikel 48 octies bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van de in artikel 54 bedoelde datum.

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 1, lid 2, artikel 3, lid 13, artikel 46, lid 2, en artikel 48 octies bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.";

(b)het volgende lid 3 bis wordt ingevoegd:

"3 bis. Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn vastgesteld in het interinstitutioneel akkoord over beter wetgeven van [date].";

(c)lid 5 wordt vervangen door:

"5. Een overeenkomstig artikel 1, lid 2, artikel 3, lid 13, artikel 46, lid 2, of artikel 48 octies vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd."

______________________

* Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 338).

** Elfde Richtlijn 89/666/EG van de Raad van 21 december 1989 betreffende de openbaarmakingsplicht voor in een lidstaat opgerichte bijkantoren van vennootschappen die onder het recht van een andere staat vallen (PB L 395 van 30.12.1989, blz. 36)."

Artikel 2 - Omzetting

1. De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op [Publications Office - set the date = one year after entry into force] aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee.

Wanneer de lidstaten die bepalingen vaststellen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2. De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van nationaal recht mee die zij op het gebied waarop deze richtlijn van toepassing is, vaststellen.

Artikel 3 - Inwerkingtreding

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 4 - Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.