Artikelen bij COM(2017)538 - Wijziging van Verordening (EU) nr. 1092/2010 betreffende macroprudentieel toezicht op het financiële stelsel en tot oprichting van een Europees Comité voor systeemrisico’s - EU monitor

EU monitor
Donderdag 12 december 2019
kalender

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.


Inhoudsopgave

Artikel 1

Verordening (EU) nr. 1092/2010 wordt als volgt gewijzigd:

(1) artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    het volgende lid 2 bis wordt ingevoegd:

“2 bis.    Bij het overleg over de aanstelling van het hoofd van het secretariaat van het ESRB overeenkomstig artikel 3, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1096/2010* evalueert de algemene raad volgens een open en transparante procedure of de voorgedragen kandidaten voor dit ambt beschikken over de kwaliteiten en ervaring die noodzakelijk zijn om het secretariaat van het ESRB te beheren. De algemene raad licht het Europees Parlement en de Raad in over de overlegprocedure.

* Verordening (EU) nr. 1096/2010 van de Raad van 17 november 2010 tot toewijzing aan de Europese Centrale Bank van specifieke taken betreffende de werking van het Europees Comité voor systeemrisico's (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 162).”;

_______________________________________________________________________________

(b)    het volgende lid 3 bis wordt ingevoegd:

“3 bis.    Wanneer zij het hoofd van het secretariaat van het ESRB instructies geven overeenkomstig artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1096/2010, kunnen de voorzitter van het ESRB en het stuurcomité met name de volgende punten behandelen:

(a)    het dagelijks beheer van het secretariaat van het ESRB;

(b)    administratieve en budgettaire aangelegenheden met betrekking tot het secretariaat van het ESRB;

(c)    de coördinatie en voorbereiding van de werkzaamheden en het besluitvormingsproces van de algemene raad;

(d)    de voorbereiding van het jaarlijks voorstel voor programma van het ESRB en de uitvoering ervan;

(e)    de voorbereiding van het jaarlijks activiteitenverslag van het ESRB en de rapportage over de uitvoering ervan aan de algemene raad.”;

(2) artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    de leden 1 en 2 worden vervangen door:

“1.    Het ESRB wordt voorgezeten door de President van de ECB.

2. De eerste vicevoorzitter wordt door de leden van de algemene raad van de ECB uit hun midden gekozen voor een termijn van vijf jaar, rekening houdend met de noodzaak van evenwichtige vertegenwoordiging van lidstaten in het algemeen en tussen deelnemende lidstaten in de zin van artikel 2, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad** en niet deelnemende lidstaten. De eerste vicevoorzitter kan eenmaal worden herkozen.

__________________________________________________________________

**    Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PB L 287 van 29.10.2013, blz. 63).”;

(b)    lid 8 wordt vervangen door:

“8.    De voorzitter vertegenwoordigt het ESRB naar buiten toe. De voorzitter kan taken met betrekking tot de externe vertegenwoordiging van het ESRB delegeren aan het hoofd van het secretariaat.”;

(3) artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    lid 1 wordt als volgt gewijzigd:

(i)    de volgende punten f bis) en f ter) worden ingevoegd:

“f bis)    de voorzitter van de raad van toezicht van de ECB;

f ter)    de voorzitter van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad;”;

(ii)    punt g) wordt vervangen door:

“g)    de voorzitter van het wetenschappelijk adviescomité;”;

(b)    lid 2 wordt als volgt gewijzigd:

(i)    punt a) wordt vervangen door:

“a)    per lidstaat één vertegenwoordiger op hoog niveau ofwel van de bevoegde nationale autoriteiten ofwel van de nationale autoriteiten die aangewezen zijn voor de toepassing van maatregelen om systeemrisico’s of macroprudentiële risico’s aan te pakken, overeenkomstig lid 3.”;

(c)    lid 3 wordt vervangen door:

“3.    Met betrekking tot de vertegenwoordiging van de nationale autoriteiten bedoeld in lid 2, onder a), rouleren de desbetreffende vertegenwoordigers op hoog niveau afhankelijk van de te bespreken onderwerpen, tenzij de nationale autoriteiten van een bepaalde lidstaat besloten hebben om een gezamenlijke vertegenwoordiger aan te wijzen.”;

(4) in artikel 9 wordt lid 5 geschrapt;

(5) artikel 11 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    lid 1 wordt als volgt gewijzigd:

(i)    punt c) wordt vervangen door:

“c)    vier andere leden van de algemene raad die ook lid zijn van de algemene raad van de ECB, rekening houdend met de noodzaak van evenwichtige vertegenwoordiging van lidstaten in het algemeen en tussen deelnemende lidstaten in de zin van artikel 2, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1024/2013 en niet deelnemende lidstaten. Zij worden voor een termijn van drie jaar verkozen door en onder de leden van de algemene raad die ook lid zijn van de algemene raad van de ECB;

(ii)    de volgende punten g bis) en g ter) worden ingevoegd:

“g bis)    de voorzitter van de raad van toezicht van de ECB;

g ter)    de voorzitter van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad;”;

(6) artikel 12 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    lid 5 wordt vervangen door:

“5.    In voorkomend geval pleegt het wetenschappelijk adviescomité in een vroeg stadium overleg met belanghebbenden, waarbij openheid en transparantie worden nagestreefd en rekening houdend met het vereiste van vertrouwelijkheid.”;

(7) artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    lid 1 wordt als volgt gewijzigd:

(i)    punt f) wordt vervangen door:

“f)    een vertegenwoordiger van de Commissie;”;

(ii)    de volgende punten f bis) en f ter) worden ingevoegd:

“f bis)    een vertegenwoordiger van de raad van toezicht van de ECB;

f ter)    een vertegenwoordiger van de gemeenschappelijke afwikkelingsraad;”;

(b)    het volgende lid 4 bis wordt ingevoegd:

“4 bis.    In voorkomend geval pleegt het technisch adviescomité in een vroeg stadium overleg met belanghebbenden, waarbij openheid en transparantie worden nagestreefd en rekening houdend met het vereiste van vertrouwelijkheid.”;

(8) artikel 16 wordt als volgt gewijzigd:

(a)    in lid 2 wordt de eerste zin vervangen door:

“De waarschuwingen en aanbevelingen die het ESRB overeenkomstig artikel 3, lid 2, onder c) en d), afgeeft, kunnen van algemene of specifieke aard zijn en worden met name gericht tot de Unie, aan een of meer lidstaten of aan een of meer ETA’s of aan een of meer nationale bevoegde autoriteiten, of aan de ECB voor de aan de ECB opgedragen taken overeenkomstig artikel 4, leden 1 en 2, en artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1024/2013.”;

(b)    lid 3 wordt vervangen door:

“3.    Op hetzelfde tijdstip als waarop zij overeenkomstig lid 2 worden toegezonden aan de adressaten, worden de waarschuwingen en aanbevelingen met inachtneming van strikte geheimhoudingsregels toegezonden aan de Raad, het Europees Parlement, de Commissie en de ETA’s.”;

(9) in artikel 17 worden de leden 1 en 2 vervangen door:

“1.    Indien een in artikel 3, lid 2, onder d), bedoelde aanbeveling is gericht tot de Commissie, een of meer lidstaten, een of meer ETA’s of een of meer nationale bevoegde autoriteiten, delen de adressaten het Europees Parlement, de Raad en het ESRB mee welke maatregelen zij in respons op de aanbeveling hebben genomen en verstrekken zij een motivering ingeval geen actie wordt ondernomen. In voorkomend geval stelt het ESRB met inachtneming van strikte geheimhoudingsregels de ETA’s onverwijld in kennis van de ontvangen antwoorden.

2. Als het ESRB concludeert dat zijn aanbeveling niet is opgevolgd of dat de adressaten niet op afdoende wijze hebben uitgelegd waarom zij geen actie hebben ondernomen, stelt het met inachtneming van strikte geheimhoudingsregels de adressaten, het Europees Parlement, de Raad en de betrokken ETA’s hiervan in kennis.”;

(10) artikel 20 wordt vervangen door:

“Niet eerder dan vijf jaar na [PB, datum van inwerkingtreding invoegen] verricht de Commissie een evaluatie van deze verordening en brengt zij aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité verslag uit over de belangrijkste bevindingen.”

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de […] dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.