Artikelen bij COM(2018)379 - Wijziging van Verordening 1393/2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken - EU monitor

EU monitor
Zaterdag 6 juni 2020
kalender

Artikelen bij COM(2018)379 - Wijziging van Verordening 1393/2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.



Artikel 1

Verordening (EG) nr. 1393/2007 wordt als volgt gewijzigd:

(1)Artikel 1 wordt vervangen door:

“Artikel 1
Werkingssfeer en definities

1. Deze verordening is van toepassing in burgerlijke en in handelszaken, op de betekening of kennisgeving van:

(a)gerechtelijke stukken aan personen die hun woonplaats hebben in een andere lidstaat dan de lidstaat waar de gerechtelijke procedure plaatsvindt;

(b)buitengerechtelijk stukken die van een lidstaat naar een andere lidstaat moeten worden verzonden.

Deze verordening is met name niet van toepassing in fiscale, douane- en/of administratieve zaken of in het geval van aansprakelijkheid van de staat voor handelingen of omissies bij de uitoefening van het overheidsgezag (acta iure imperii).

2. Met uitzondering van artikel 3 quater is deze verordening niet van toepassing indien het adres van degene aan wie het stuk moet worden betekend of ter kennis moet worden gebracht, onbekend is.

3. Deze verordening is niet van toepassing op de betekening en de kennisgeving van een stuk aan de gevolmachtigde vertegenwoordiger van de partij in de lidstaat waar de procedure plaatsvindt, ongeacht de woonplaats van die partij.

4. Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

(a)“lidstaat” : alle lidstaten met uitzondering van Denemarken.

(b)“lidstaat van het forum”: de lidstaat waar de gerechtelijke procedure plaatsvindt.”.

(2)Artikel 2, lid 4, onder c), komt als volgt te luiden:

“c)de wijze waarop zij in de in artikel 3 bis, lid 4), bedoelde gevallen stukken kunnen ontvangen”.

(3)De volgende artikelen 3 bis, 3 ter en 3 quater worden ingevoegd:

“Artikel 3 bis
Door verzendende en ontvangende instanties en centrale organen te gebruiken communicatiemiddelen

1. Stukken, aanvragen, bevestigingen, ontvangstbewijzen, certificaten en alle communicatie die op basis van de modelformulieren in bijlage I plaatsvindt tussen de verzendende en ontvangende instanties, tussen die instanties en de centrale organen of tussen de centrale organen van de verschillende lidstaten, worden verzonden via een gedecentraliseerd IT-systeem dat is samengesteld uit nationale IT-systemen die onderling zijn verbonden door een communicatie-infrastructuur die de veilige en betrouwbare grensoverschrijdende uitwisseling van informatie tussen die nationale IT-systemen mogelijk maakt.

2. Het algemene rechtskader voor het gebruik van vertrouwensdiensten van Verordening (EU) nr. 910/2014 van de Raad* is van toepassing op de stukken, aanvragen, bevestigingen, ontvangstbewijzen, certificaten en alle communicatie die via het in lid 1 bedoelde gedecentraliseerde IT-systeem worden verzonden.

3. Indien de in lid 1 bedoelde stukken, aanvragen, bevestigingen, ontvangstbewijzen, certificaten en andere communicatie een zegel of met de hand geschreven handtekening vereisen of daarvan zijn voorzien, mogen in plaats daarvan “gekwalificeerde elektronische zegels” en “gekwalificeerde elektronische handtekeningen”, als omschreven in Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad, worden gebruikt.

4. Indien de verzending overeenkomstig lid 1 onmogelijk is wegens een onvoorziene en uitzonderlijke verstoring van het gedecentraliseerde IT-systeem vindt de verzending plaats op de snelst mogelijke alternatieve wijze.

----------------------------------------

* Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73).

Artikel 3 - ter Kosten van de invoering van het gedecentraliseerde IT-systeem

1. Elke lidstaat draagt de kosten van de installatie, de exploitatie en het onderhoud van zijn toegangspunten tot de communicatie-infrastructuur waardoor de nationale IT-systemen in het kader van het in artikel 3 bis bedoelde gedecentraliseerde systeem zijn verbonden.

2. Elke lidstaat draagt de kosten in verband met het zodanig invoeren en aanpassen van zijn nationale IT-systemen dat deze interoperabel zijn met de communicatie-infrastructuur, alsmede de kosten van het beheer, de exploitatie en het onderhoud van die systemen.

3. De leden 1 en 2 doen geen afbreuk aan de mogelijkheid om in het kader van de financiële programma’s van de Unie subsidies aan te vragen ter ondersteuning van de in die leden bedoelde activiteiten.

Artikel 3 - quater Hulp bij het achterhalen van adressen

1. Wanneer het adres van de persoon aan wie een gerechtelijk of buitengerechtelijk stuk in een andere lidstaat betekend of ter kennis gebracht moet worden, niet bekend is, bieden de lidstaten op een of meer van de volgende wijzen hulp:

(a)rechtshulp voor het vaststellen van het adres van de persoon aan wie een stuk betekend of ter kennis moet worden gebracht door de daartoe aangewezen autoriteiten op verzoek van het gerecht van de lidstaat waar een procedure aanhangig is gemaakt;

(b)de mogelijkheid voor personen uit andere lidstaten om rechtstreeks bij een bevolkingsregister of een andere voor het publiek toegankelijke databank, een verzoek in te dienen om informatie over adressen, onder meer elektronisch door middel van een standaardformulier via het Europees e-justitieportaal;

(c)gedetailleerde praktische richtsnoeren inzake de mechanismen die in het kader van het Europees justitieel netwerk in burgerlijke en handelszaken en met het doel de informatie voor het publiek beschikbaar te maken, voorhanden zijn om het adres van personen vast te stellen.

2. Elke lidstaat verstrekt de Commissie de volgende informatie:

(a)de wijze van hulp die de lidstaat uit hoofde van lid 1 op zijn grondgebied zal bieden;

(b)in voorkomend geval, de naam en het adres van de in de lid 1, onder a) en b), bedoelde instanties.

De lidstaten stellen de Commissie van alle latere wijzigingen in die informatie in kennis.".

(4)Artikel 4 wordt vervangen door:

“Artikel 4
Verzending van stukken

1. De op grond van artikel 2 aangewezen instanties zenden elkaar de gerechtelijke stukken zo spoedig mogelijk rechtstreeks toe.

2. Het te verzenden stuk gaat vergezeld van een aanvraag die volgens het modelformulier in de bijlage is opgesteld. Het formulier wordt in de officiële taal van de aangezochte lidstaat ingevuld of, indien er verscheidene officiële talen in die lidstaat zijn, in de officiële taal of een van de officiële talen van de plaats waar de betekening of kennisgeving moet worden verricht, of in een andere taal die de aangezochte lidstaat heeft verklaard te kunnen aanvaarden. Elke lidstaat doet opgave van de officiële taal of talen van de Unie, andere dan zijn eigen taal of talen, die hij voor de invulling van het formulier aanvaardt.

3. Het rechtsgevolg en de toelaatbaarheid als bewijs van de stukken die via het in artikel 3 bis bedoelde gedecentraliseerde IT-systeem zijn verzonden, worden in gerechtelijke procedures niet louter ontkend vanwege de elektronische vorm daarvan. Wanneer papieren stukken met het oog op de verzending ervan via het gedecentraliseerde IT-systeem worden omgezet in elektronische vorm, hebben de elektronische kopieën of afdrukken ervan dezelfde geldigheid als de originele stukken.”.

(5)Artikel 6 wordt vervangen door:

“Artikel 6
Ontvangst van stukken door de ontvangende instantie

1. Bij de ontvangst van een stuk wordt de verzendende instantie een automatische ontvangstbevestiging toegezonden via het in artikel 3 bis bedoelde gedecentraliseerde IT-systeem.

2. Indien de aanvraag voor betekening of kennisgeving niet aan de hand van de toegezonden gegevens of stukken kan worden uitgevoerd, neemt de ontvangende instantie contact met de verzendende instantie op om de ontbrekende gegevens of stukken te verkrijgen.

3. Indien de aanvraag voor betekening of kennisgeving duidelijk buiten het toepassingsgebied van deze verordening valt of indien de betekening of kennisgeving niet mogelijk is omdat niet aan de vormvoorschriften is voldaan, worden de aanvraag en de toegezonden stukken na ontvangst aan de verzendende instantie teruggezonden, samen met het bericht van teruggave, overeenkomstig het modelformulier in bijlage I.

4. Een ontvangende instantie die een stuk ontvangt, maar voor de betekening of kennisgeving ervan niet territoriaal bevoegd is, zendt het stuk, evenals de aanvraag, via het in artikel 3 bis bedoelde gedecentraliseerde systeem door aan de ontvangende instantie die in dezelfde lidstaat territoriaal bevoegd is, indien de aanvraag aan de in artikel 4, lid 2, bedoelde voorwaarden voldoet en stelt de verzendende instantie daarvan door middel van het modelformulier in bijlage I in kennis. Na ontvangst van het stuk en het verzoek door de ontvangende instantie die in dezelfde lidstaat territoriaal bevoegd is, wordt de verzendende instantie een automatische ontvangstbevestiging toegezonden via het in artikel 3 bis bedoelde gedecentraliseerde IT-systeem.”.

(6)Het volgende artikel 7 bis wordt ingevoegd:

“Artikel 7 bis
De verplichting een vertegenwoordiger aan te wijzen met het oog op betekening of kennisgeving in de lidstaat van het forum

1. Wanneer een stuk dat het geding inleidt aan de verweerder is betekend of ter kennis is gebracht, kan het recht van de lidstaat van het forum in een andere lidstaat woonachtige partijen ertoe verplichten een vertegenwoordiger aan te wijzen die in de lidstaat van het forum stukken aan hen betekent of ter kennis brengt.

2. Wanneer een partij niet voldoet aan de verplichting om in overeenstemming met lid 1 een vertegenwoordiger aan te wijzen en niet zijn instemming heeft betuigd met het gebruik van een elektronisch gebruikersaccount voor betekening of kennisgeving overeenkomstig artikel 15 bis, onder b), kan voor de betekening of kennisgeving van stukken tijdens de procedure elke methode van betekening of kennisgeving worden aangewend die het recht van de lidstaat van het forum toestaat, mits de betrokken partij over deze consequentie naar behoren is geïnformeerd.”.

(7)Artikel 8 wordt vervangen door:

“Artikel 8
Weigering van ontvangst van een stuk

1. De ontvangende instantie stelt degene voor wie het stuk is bestemd door middel van het in bijlage II opgenomen modelformulier in kennis van het feit dat hij kan weigeren het stuk waarvan betekening of kennisgeving moet worden verricht, in ontvangst te nemen, indien het niet is gesteld in of niet vergezeld gaat van een vertaling in een van de volgende talen:

(a)een taal die de degene voor wie het stuk is bestemd, begrijpt,

       of

(b)de officiële taal van de aangezochte lidstaat of, indien er verscheidene officiële talen in de aangezochte lidstaat zijn, de officiële taal of een van de officiële talen van de plaats waar de betekening of kennisgeving moet worden verricht.

2. Degene voor wie het stuk is bestemd, kan weigeren het stuk in ontvangst te nemen op het ogenblik van de betekening of kennisgeving of binnen twee weken door het in bijlage II opgenomen standaardformulier aan de ontvangende instantie terug te zenden.

3. Indien de ontvangende instantie ervan op de hoogte is gesteld dat de persoon voor wie het stuk is bestemd dit overeenkomstig de leden 1 en 2 weigert in ontvangst te nemen, stelt zij de verzendende instantie daarvan onmiddellijk door middel van het in artikel 10 bedoelde certificaat in kennis en zendt zij de aanvraag terug.

4. Wanneer degene voor wie het stuk is bestemd overeenkomstig de leden 1 en 2 heeft geweigerd dit in ontvangst te nemen, toetst het gerecht of de autoriteit waarbij de gerechtelijke procedure gedurende welke de betekening of kennisgeving werd verricht, aanhangig is gemaakt, of de weigering gegrond was

5. De betekening of kennisgeving van het stuk kan worden geregulariseerd door het stuk, vergezeld van een vertaling in een taal zoals bedoeld in lid 1, overeenkomstig deze verordening te betekenen of ter kennis te brengen aan degene voor wie het is bestemd. In dat geval is de datum van betekening of kennisgeving van het stuk die waarop het stuk, vergezeld van de vertaling, overeenkomstig het recht van de aangezochte lidstaat is betekend of ter kennis is gebracht. Wanneer de betekening of kennisgeving van een stuk overeenkomstig het recht van een lidstaat echter binnen een bepaalde termijn moet worden verricht, dan is de datum die ten aanzien van de aanvrager in aanmerking wordt genomen de datum van betekening of kennisgeving van het oorspronkelijke stuk als vastgesteld overeenkomstig artikel 9, lid 2.

6. De leden 1 tot en met 5 zijn van toepassing op de andere wijzen van verzending en betekening of kennisgeving van gerechtelijke stukken overeenkomstig afdeling 2.

7. Voor de toepassing van lid 1 stellen diplomatieke of consulaire ambtenaren, wanneer de betekening of kennisgeving overeenkomstig artikel 13 is verricht, of de autoriteit of persoon, wanneer de betekening of kennisgeving overeenkomstig artikel 14 of artikel 15 bis is verricht, degene voor wie het stuk is bestemd in kennis van het feit dat hij kan weigeren het stuk in ontvangst te nemen en dat geweigerde stukken naar deze ambtenaren of naar deze autoriteit of bevoegde persoon moeten worden gezonden.”.

(8)In artikel 10 wordt lid 1 vervangen door:

"1.Wanneer alle formaliteiten met betrekking tot de betekening of kennisgeving van het stuk zijn verricht, wordt door middel van het modelformulier in bijlage I een certificaat betreffende de voltooiing van deze handelingen opgesteld en aan de verzendende instantie toegezonden.”.

(9)De artikelen 14 en 15 worden vervangen door:

“Artikel 14
Betekening of kennisgeving per post

1. De betekening of kennisgeving van gerechtelijke stukken aan in een andere lidstaat woonachtige personen kan rechtstreeks door de postdiensten worden verricht bij aangetekend schrijven met ontvangstbevestiging.

2. Voor de toepassing van dit artikel vindt betekening en kennisgeving per post plaats met gebruikmaking van de specifieke ontvangstbevestiging in bijlage IV.

3. Ongeacht het recht van de lidstaat van herkomst wordt betekening of kennisgeving per post ook geacht geldig te zijn verricht wanneer het stuk op het thuisadres van degene voor wie het stuk is bestemd, is afgegeven aan een volwassene die deel uitmaakt van hetzelfde huishouden als degene voor wie het stuk is bestemd of daar voor deze laatste werkzaam is, en die in staat en bereid is het stuk in ontvangst te nemen.

Artikel 15
Rechtstreekse betekening of kennisgeving

1. De betekening of kennisgeving van gerechtelijke stukken aan in een andere lidstaat woonachtige personen kan rechtstreeks worden verricht door de deurwaarders, ambtenaren of andere bevoegde personen in de aangezochte lidstaat.

2. Elke lidstaat verstrekt de Commissie de informatie over de categorieën beroepsbeoefenaars of de bevoegde personen die de betekening of kennisgeving krachtens dit artikel op hun grondgebied mogen verrichten.”.

(10)Het volgende artikel 15 bis wordt ingevoegd:

“Artikel 15 bis
Elektronische betekening of kennisgeving

De betekening of kennisgeving van gerechtelijke stukken aan in een andere lidstaat woonachtige personen kan rechtstreeks elektronisch worden verricht op een voor degene voor wie het stuk is bestemd toegankelijke gebruikersaccount, mits ten minste aan een van de volgende voorwaarden wordt voldaan:

(a)de stukken worden verzonden en in ontvangst genomen met gebruikmaking van gekwalificeerde diensten voor elektronisch aangetekende bezorging in de zin van Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad;

(b)na het begin van de gerechtelijke procedure heeft degene voor wie het stuk is bestemd de rechter of autoriteit bij wie de procedure aanhangig is gemaakt uitdrukkelijk toestemming gegeven om die specifieke gebruikersaccount te gebruiken voor de betekening of kennisgeving van stukken gedurende de gerechtelijke procedure.”.

(11)De artikelen 17 en 18 worden vervangen door:

“Artikel 17
Wijzigingen van de bijlagen

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de bijlagen I, II en IV om de daarin opgenomen modelformulieren bij te werken of technisch aan te passen.

Artikel 18
Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

2. De in artikel 17 bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt de Commissie met ingang van … [de datum van inwerkingtreding van deze verordening] voor onbepaalde tijd verleend.

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 17 bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

4. Alvorens een gedelegeerde handeling vast te stellen, raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven*.

5. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

6. Een overeenkomstig artikel 17 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.”.

(12)De volgende artikelen 18 bis en 18 ter worden ingevoegd:

“Artikel 18 bis
Invoering van het gedecentraliseerde IT-systeem

De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast ter invoering van het gedecentraliseerde IT systeem als bedoeld in artikel 3 bis. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 18 ter, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 18 - ter Comitéprocedure

1. De Commissie wordt bijgestaan door een comité. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011.

2. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.".

(13)Artikel 19 wordt vervangen door:

“Artikel 19
Niet-verschenen verweerder

1. Wanneer een stuk dat het geding inleidt overeenkomstig de bepalingen van deze verordening ter betekening of kennisgeving naar een andere lidstaat moest worden gezonden en de verweerder niet is verschenen, houdt de rechter de beslissing aan totdat is gebleken dat de betekening of kennisgeving respectievelijk de afgifte zo tijdig is geschied dat de verweerder gelegenheid heeft gehad verweer te voeren en dat:

(a)hetzij van het stuk betekening of kennisgeving is gedaan met inachtneming van de in de wetgeving van de aangezochte lidstaat voorgeschreven vormen voor de betekening of kennisgeving van stukken die in dat land zijn opgemaakt en voor zich op het grondgebied van dat land bevindende personen bestemd zijn; of

(b)hetzij het stuk daadwerkelijk is afgegeven aan de verweerder in persoon of aan zijn woonplaats op een andere in deze verordening geregelde wijze,

2. In afwijking van lid 1 kan de rechter een beslissing geven, ook wanneer geen certificaat van betekening, kennisgeving of afgifte is ontvangen, indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

(a)het stuk is op één van de in deze verordening geregelde wijzen toegezonden;

(b)sedert het tijdstip van toezending van het stuk is een termijn verlopen die door de rechter voor elk afzonderlijk geval wordt vastgesteld, doch die ten minste zes maanden zal bedragen;

(c)in weerwil van alle redelijke inspanningen die daartoe bij de bevoegde autoriteiten of organen van de aangezochte staat zijn aangewend, kon geen bewijs worden verkregen.

3. Wanneer aan de voorwaarden in lid 2 is voldaan, worden er redelijke inspanningen verricht om via de beschikbare communicatiemiddelen, met inbegrip van middelen van moderne communicatietechnologie, de verweerder wiens adres of account de geadieerde rechter bekend is, mee te delen dat tegen hem een gerechtelijke procedure is ingesteld.

4. Het bepaalde in de leden 1 en 2 belet niet dat de rechter in spoedeisende gevallen voorlopige of bewarende maatregelen kan nemen.

5. Wanneer een stuk dat het geding inleidt overeenkomstig de bepalingen van deze verordening ter betekening of kennisgeving naar een andere lidstaat moest worden gezonden en de verweerder bij verstek is veroordeeld, kan de rechter, indien de termijn waarbinnen een rechtsmiddel had moeten worden aangewend is verstreken, de verweerder een nieuwe termijn toestaan waarbinnen hij het rechtsmiddel alsnog kan aanwenden, mits aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

(a)de verweerder heeft niet de gelegenheid gehad zich te verweren of een rechtsmiddel aan te wenden, doordat het stuk respectievelijk de beslissing hem, buiten zijn schuld, niet tijdig heeft bereikt;

(b)de grieven van de verweerder zijn, naar het aanvankelijk oordeel van de rechter, niet van elke grond ontbloot.

Een verzoek om verlening van een nieuwe termijn voor het aanwenden van een rechtsmiddel is slechts ontvankelijk indien het is ingediend binnen een redelijke termijn na het tijdstip waarop de verweerder van de beslissing kennis heeft gekregen.

Een dergelijk verzoek is niet ontvankelijk indien het meer dan twee jaar te rekenen vanaf de dag waarop de beslissing is gegeven, is ingediend.

6. Wanneer de in lid 2 bedoelde periode van twee jaar te rekenen vanaf de dag waarop de beslissing is gegeven, is verstreken, mogen de bepalingen van nationaal recht die een buitengewone nieuwe termijn voor het aanwenden van een rechtsmiddel mogelijk maken, niet worden toegepast in het kader van een betwisting van de erkenning en de tenuitvoerlegging van die beslissing in een andere lidstaat.

7. De leden 5 en 6 zijn niet van toepassing op beslissingen betreffende de staat of bekwaamheid van personen.”.

(14)In artikel 23 wordt lid 1 vervangen door:

"1.De lidstaten delen de Commissie de in de artikelen 2, 3, 3 quater, 4, 10, 11, 13 en 15 bedoelde gegevens mee. De lidstaten delen de Commissie mee of de betekening of kennisgeving van een stuk overeenkomstig hun recht binnen een bepaalde termijn als bedoeld in artikel 8, lid 3, en artikel 9, lid 2, moet worden verricht.”.

(15)Het volgende artikel 23 bis wordt ingevoegd:

"Artikel 23 - bis Monitoring 

1. Uiterlijk [twee jaar na de datum met ingang waarvan de verordening van toepassing is] stelt de Commissie een gedetailleerd programma op voor de monitoring van de outputs, resultaten en effecten van deze verordening.

2. In het monitoringprogramma wordt vermeld met welke middelen en op welke tijdstippen gegevens en ander noodzakelijke bewijsstukken moeten worden verzameld. In het programma wordt tevens aangegeven welke actie de Commissie en de lidstaten moeten ondernemen om de gegevens en andere bewijsstukken te verzamelen en te analyseren.

3. De lidstaten verstrekken de Commissie de gegevens en andere bewijsstukken die voor de monitoring nodig zijn.”.

(16)Artikel 24 wordt vervangen door:

“Artikel 24
Evaluatie

1. Ten vroegste [vijf jaar na de datum met ingang waarvan de verordening van toepassing is] voert de Commissie een evaluatie van deze verordening uit en doet zij over de belangrijkste bevindingen verslag aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité.

2. De lidstaten verstrekken de Commissie de informatie die nodig is voor het opstellen van dat verslag.”.

(17)Een nieuwe bijlage IV zoals vastgesteld in de bijlage bij deze verordening wordt toegevoegd.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van ..... [18 maanden na de datum van inwerkingtreding van de verordening].

Daarbij geldt echter het volgende:

(a)artikel 1, punt 14), is van toepassing met ingang van... [12 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] en

(b)artikel 1, punten 3), 4) en 5), is van toepassing met ingang van... [24 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening].

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in de lidstaten overeenkomstig de Verdragen.