Bijlagen bij COM(2020)662 - Renovatiegolf voor Europa - groenere gebouwen, meer banen, hogere levenskwaliteit

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.

bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2020/1208 van de Commissie bevat een volledige lijst van dergelijke risico’s.

(13)

 Volgens de verklaring van Davos “Towards a High-quality Baukultur in Europe”, die in 2018 door de Europese ministers van Cultuur en belanghebbenden is aangenomen, wordt kwaliteitsvolle architectuur niet alleen gedefinieerd aan de hand van esthetica en functionaliteit, maar ook door de bijdrage die de architectuur levert aan de levenskwaliteit van mensen en aan de duurzame ontwikkeling van onze steden en plattelandsgebieden.

(14)

 Maatregelen met betrekking tot de circulaire economie kunnen ertoe leiden dat gedurende de levenscyclus van gebouwen 60 % minder materiaalgerelateerde broeikasgasemissies plaatsvinden. https://www.eea.europa.eu/highlights/greater-circularity-in-the-buildings

(15)

 Zie het JRC-verslag “Untapping multiple benefits: hidden values in environmental and building policies”.

(16)

 Het samenvattend verslag van de raadpleging van belanghebbenden staat op de portaalsite “Geef uw mening” en op de speciale webpagina over de renovatiegolf .

(17)

Als het om de renovatie van woningen gaat, wordt gebrek aan inzicht in het energieverbruik en de energiebesparingen het vaakst door respondenten van de openbare raadpleging over de renovatiegolf aangemerkt als een grote tot heel grote belemmering. De verschillende belangen van huiseigenaren en huurders, meningsverschillen tussen verschillende eigenaars en moeilijkheden bij het plannen van renovatiewerkzaamheden behoren tot de grootste obstakels voor de renovatie van gebouwen. 

(18)

 Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie, zoals gewijzigd bij Richtlijn 2018/2002; Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen, zoals gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2018/844.

(19)

COM(2020) 575 final.

(20)

 Gepubliceerd op 17 september 2020.

(21)

Geen of beperkte middelen om de renovatie van een gebouw te financieren wordt gezien als de grootste belemmering: een overgrote meerderheid van 92 % van de respondenten van de openbare raadpleging over de renovatiegolf vond dit een (zeer) grote belemmering.

(22)

Zie beginsel 20 van de Europese pijler van sociale rechten.

https://ec.europa.eu/commission/priorities/deeper-and-fairer-economic-and-monetary-union/european-pillar-social-rights/european-pillar-social-rights-20-principles_nl

(23)

 Gedelegeerde Verordening C(2020) 6930 final van de Commissie tot aanvulling van Richtlijn 2010/31/EU van het Europees Parlement en de Raad door de vaststelling van een facultatieve gemeenschappelijke Unieregeling voor de waardering van de mate waarin gebouwen gereed zijn voor slimme toepassingen, en Uitvoeringsverordening C(2020) 6929 van de Commissie, waarin de technische modaliteiten voor de doeltreffende uitvoering van een facultatieve gemeenschappelijke Unieregeling voor de waardering van de mate waarin gebouwen gereed zijn voor slimme toepassingen, nader worden omschreven.

(24)

 In het kader van zijn langetermijnrenovatiestrategieën heeft Frankrijk daartoe een progressief pakket maatregelen aangenomen, te beginnen met een verbod, vanaf 2021, op huurverhogingen voor slecht presterende gebouwen (“passoire énergétique”, geen prestaties gespecificeerd), een verbod om deze vanaf 2023 te huren en een verplichting om alle slechtst presterende gebouwen vanaf 2028 te renoveren. In Nederland moeten alle kantoorgebouwen EPC-klasse C zijn tegen 2023 en EPC-klasse A tegen 2030. In Vlaanderen wordt ook overwogen om vanaf 2030 een minimaal EPC-niveau voor niet voor bewoning bestemde gebouwen in te voeren en een minimaal EPC-niveau voor huurwoningen.

(25)

 Zonder gemeenschappelijk dataformaat worden certificaten afgegeven in pdf-formaat, waardoor de data niet gemakkelijk raadpleegbaar, bruikbaar of analyseerbaar zijn.

(26)

 Uiterlijk in juni 2021, als onderdeel van de herziening van de energie-efficiëntierichtlijn. Energie-audits zijn momenteel verplicht voor grote ondernemingen en de lidstaten moeten programma’s opzetten om kleine en middelgrote ondernemingen aan te moedigen deze uit te voeren, maar het is niet verplicht om auditaanbevelingen uit te voeren.

(27)

 In de digitale gebouwlogboeken zullen gegevens over afzonderlijke gebouwen worden bewaard en zo zal de uitwisseling van informatie binnen de bouwsector en tussen eigenaars en huurders van gebouwen, financiële instellingen en overheden worden vergemakkelijkt.

(28)

 Zoals bepaald in de richtlijn energieprestatie van gebouwen zal het gebouwenrenovatiepaspoort een duidelijk stappenplan bieden voor gefaseerde renovatie gedurende de levensduur van een gebouw, waarbij eigenaars en investeerders worden geholpen bij het kiezen van het beste tijdschema en de beste reikwijdte van interventies.

(29)

 Het recente Level(s)-kader van de Commissie heeft betrekking op energie-, materiaal- en watergebruik, kwaliteit en waarde van gebouwen, gezondheid, comfort, bestendigheid tegen klimaatverandering en levenscycluskosten (zie https://ec.europa.eu/environment/eussd/buildings.htm).

(30)

Zie https://ec.europa.eu/energy/topics/energy-efficiency/energy-efficient-buildings/eu-bso_en .

(31)

Zie SWD(2020) 98 final (“Identifying Europe’s recovery needs”) en SWD(2020) 176 final (“Stepping up Europe’s 2030 climate ambition Investing in a climate-neutral future for the benefit of our people”).

(32)

 Steun uit andere EU-programma’s zoals InvestEU, de Connecting Europe Facility, LIFE en Horizon Europa, alsmede uit nationale fondsen kan ook worden gecombineerd met de faciliteit voor herstel en veerkracht.

(33)

 “Jaarlijkse strategie voor duurzame groei voor 2021” (COM(2020) 575 final).

(34)

 Voor de individuele beoordelingen, zie SWD(2020)900-SWD(2020)926.

(35)

Zie https://ec.europa.eu/info/departments/recovery-and-resilience-task-force.

(36)

Het leggen van een specifieke thematische focus op het vlaggenschipinitiatief Renoveren en het betrekken van vertegenwoordigers van verschillende nationale ministeries als onderdeel van de gecoördineerde actie in verband met de richtlijn energieprestatie van gebouwen ( https://epbd-ca.eu ) in nauwe samenhang met de coördinatiewerkzaamheden betreffende de energie-efficiëntierichtlijn en de richtlijn hernieuwbare energie, en in samenwerking met de technische werkgroep in het kader van de governance van de energie-unie.

(37)

 In de periode 2014-2020 werd ongeveer 17 miljard EUR aan cohesiemiddelen uitgetrokken voor de renovatie van gebouwen.

(38)

 Kroatië heeft met EFRO-middelen de renovatie gefinancierd van 250 000 m2 en 69 openbare gebouwen, zoals ziekenhuizen en kleuterscholen, met een verwachte jaarlijkse besparing van 70 GWh.

(39)

 Gerichte herziening van de algemene groepsvrijstellingsverordening (staatssteun): uitbreiding van de mogelijkheden om nationale fondsen te combineren met bepaalde programma’s van de Unie (tweede raadpleging), zie https://ec.europa.eu/competition/consultations/2020_gber/consultation_document_nl.pdf.

(40)

 Een hogere energie-efficiëntie wordt in verband gebracht met lagere wanbetalingen van hypothecaire kredieten en met een stijgende activawaarde. Bron: Eindverslag over de correlatieanalyse tussen energie-efficiëntie en risico. EeDaPP. https://eedapp.energyefficientmortgages.eu/wp-content/uploads/2020/08/EeDaPP_D57_27Aug20-1.pdf.

(41)

 Zoals fiscale prikkels en kredieten in de context van directe belastingen (bv. inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting) en milieubelastingen (koolstofbelasting), onroerendgoedbelasting waarbij betere gebouwen worden begunstigd, belastinginkomsten bestemmen voor renovatie, belastingafschrijving ter bevordering van renovatie-investeringen, btw-tarieven voor bouwdiensten en duurzame materialen in overeenstemming met de btw-richtlijn (bijlage III), alsmede regionale en lokale belastingen en vergoedingen. Zie ook Bertoldi, P, Economidou, M, Palermo, V, Boza‐Kiss, B, Todeschi, V. “How to finance energy renovation of residential buildings: Review of current and emerging financing instruments in the EU”. WIREs Energy Environ. 2020;e384. https://doi.org/10.1002/wene.384.

(42)

 De energiebesparingen die in het kader van deze verplichtingen worden gerealiseerd, dragen bij tot de verwezenlijking van de energiebesparingsverplichting uit hoofde van artikel 7 van de energie-efficiëntierichtlijn.

(43)

 Met behulp van subsidies uit Horizon 2020 heeft de European Mortgage Federation — European Covered Bond Council (EMF-ECBC) een initiatief voor energie-efficiëntiehypotheken ontwikkeld met een reeks ondersteunende acties om particuliere financiering voor de renovatie van woningen en commerciële gebouwen te stimuleren.

(44)

 Richtlijn 2014/17/EU.

(45)

Richtlijn 2008/48/EG.

(46)

 Zie EaDaPP, “Final results of the correlation analysis between energy efficiency and risk”, 2020.

(47)

 Door middel van twee gedelegeerde handelingen: inzake mitigatie van en aanpassing aan klimaatverandering en inzake de overgang naar een circulaire economie, alsook inzake duurzaam gebruik en bescherming van water en mariene hulpbronnen, preventie en bestrijding van verontreiniging en bescherming en herstel van de biodiversiteit en ecosystemen. Verordening (EU) 2020/852 (PB L 198 van 22.6.2020, blz. 13).

(48)

 Door gebruik te maken van de fondsen van het cohesiebeleid, het lidstaatcompartiment van InvestEU of de faciliteit voor herstel en veerkracht.

(49)

 De Smart Cities Marketplace bouwt voort op de ervaringen en resultaten van 17 grootschalige, grensoverschrijdende en coöperatieve stadsdemonstratieprojecten, bekend als “gidsprojecten”. Deze gidsprojecten hebben 120 steden samengebracht en hebben op basis van ruim 400 miljoen EUR uit Horizon 2020 veel meer investeringen aangetrokken. Meer informatie staat op https://smartcities-infosystem.eu/scc-lighthouse-projects.

(50)

 12-18 lokale banen per miljoen geïnvesteerde euro, IEA, Duurzaam herstel, juni 2020.

(51)

 In overeenstemming met de nationale maatregelen tot omzetting van Richtlijn 2009/148/EG betreffende de bescherming van werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan asbest op het werk.

(52)

 Met de blauwdruk voor sectorale samenwerking op het gebied van vaardigheden zal een sectorale strategie worden ontwikkeld voor het inzicht in vaardigheden en de ontwikkeling van voor de arbeidsmarkt relevante vaardigheden, onder meer door de ontwikkeling van relevante Europese kernprogramma’s voor beroepsopleidingen.

(53)

 Level(s) is een gemeenschappelijke Europese benadering om de duurzaamheid van gebouwen te beoordelen en daarover verslag uit te brengen. Zie https://ec.europa.eu/environment/eussd/buildings.htm

(54)

 Momenteel besteden 70 % van de bouwbedrijven minder dan 1 % van hun inkomsten aan digitale en innovatieve projecten, en blijft het gebruik van bouwwerkinformatiemodellen (BIM) bijzonder laag. Technologieën zoals het internet der dingen (IoT), AI, robots en digitale tweelingen verminderen de tijd die nodig is voor fysieke werkzaamheden.

(55)

 Zoals bouwwerkinformatiemodellen (BIM), een geografisch informatiesysteem (GIS) en Augmented Reality.

(56)

 De missie Klimaatneutrale en slimme steden van Horizon Europa is bedoeld om 100 Europese steden te ondersteunen, te stimuleren en onder de aandacht te brengen in hun transformatie naar klimaatneutraliteit tegen 2030 en om deze steden tot experimenteer- en innovatiehubs voor alle steden te maken, waardoor ze het voortouw zouden nemen met betrekking tot de Europese Green Deal en de inspanningen van Europa om tegen 2050 klimaatneutraal te worden.

(57)

 Het medegefinancierde partnerschap voor de transitie naar schone energie bestrijkt alle gebieden van het strategisch plan voor energietechnologie en is gekoppeld aan de nationale energie- en klimaatplannen.

(58)

 Zoals definities van groene hypotheken, vastgoedgebonden financiering of nieuwe éénloketmodellen.

(59)

 Slimme meters hebben een groot potentieel om consumenten bewuster te maken van de patronen van hun energieverbruik. Slimme gasmeters zijn een vereiste uit hoofde van de energie-efficiëntierichtlijn, ter aanvulling van de verplichtingen voor slimme elektriciteitsmeters. 

(60)

 Richtlijn (EU) 2018/844 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen en Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie.

(61)

 Wijken waarin meerdere gebouwen het energieverbruik van alle gebouwen en het bredere energiesysteem optimaliseren. Dergelijke wijken worden gekenmerkt door een jaarlijkse positieve energiebalans en maken gebruik van lokale hernieuwbare energie, lokale opslag (zowel van elektriciteit als van warmte), slimme energienetten, vraagsturing, geavanceerd energiebeheer (elektriciteit, verwarming en koeling), interactie/betrokkenheid van gebruikers en ICT. “Plusenergiewijken” worden ontwikkeld in het kader van Horizon 2020-gidsprojecten ( https://smartcities-infosystem.eu/scc-lighthouse-projects ) en in projecten waarbij lidstaten samenwerken via het gezamenlijk programmeringsinitiatief “Een stedelijk Europa” ( https://jpi-urbaneurope.eu/ped ), alsook in het kader van het strategisch plan voor energietechnologie dat over een speciale groep beschikt die dergelijke projecten ondersteunt.

(62)

 Richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van Richtlijn 2012/27/EU.

(63)

 Dit kunnen onder meer lessen zijn die worden getrokken uit door de EU gefinancierde projecten, zie bijvoorbeeld https://www.rescoop.eu/the-rescoop-model.

(64)

 Zoals de deelnemende projecten aan de voorgestelde missie “100 klimaatneutrale steden tegen 2030 — door en voor de burgers” in het kader van Horizon Europa.

(65)

 Gegevens uit 2018. Eurostat, SILC [ilc_mdes01]).

(66)

 Verslag van de taskforce op hoog niveau inzake investeringen in sociale infrastructuur in Europa, januari 2018.

(67)

 Zo beschikt de EEFIG over studies waaruit blijkt dat de wanbetalingsgraad bij hypotheken op onroerend goed met een goed energieprestatiecertificaat 0,92 % bedraagt, vergeleken met 1,18 % bij hypotheken op onroerend goed met een slecht energieprestatiecertificaat (28 % hoger).

(68)

 In 2018 hadden 30,3 miljoen mensen moeite om hun rekeningen van nutsbedrijven, waaronder energierekeningen, te betalen en liepen zij daardoor het risico dat hun toegang tot energie zou worden afgesloten.

(69)

 Europees Milieuagentschap, verslag nr. 22/2018: “Unequal exposure and unequal impacts: social vulnerability to air pollution, noise and extreme temperatures in Europe.”

(70)

Zie  https://ec.europa.eu/jrc/en/publication/energy-efficiency-upgrades-multi-owner-residential-buildings-review-governance-and-legal-issues-7-eu .

(71)

 Zie het voortgangsverslag van het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek over energiebedrijven in de EU https://publications.jrc.ec.europa.eu/repository/bitstream/JRC106624/kjna28716enn.pdf. Zo werden in Estland sinds april 2010 ongeveer 1100 appartementsgebouwen heropgebouwd (voornamelijk met behulp van prefab-elementen).

(72)

  Het Estse revolverende fonds KredEx ondersteunt het combineren van leningen, leninggaranties en subsidies. Het Nederlandse revolverende fonds “Nationaal Warmtefonds” werkt in combinatie met het totale huurwoningbestand dat naar verwachting tegen 2021 een gemiddelde EPC-klasse B zal bereiken.

(73)

 In Denemarken wordt in de energieovereenkomst van 2018 jaarlijks 200 miljoen DKK toegewezen aan energiebesparingen in gebouwen voor de periode 2021-2024. De subsidie wordt toegekend aan eigenaren van gebouwen die kunnen aantonen dat zij het grootste energiebesparingspotentieel hebben, waardoor de subsidies worden aangewend voor de minst energie-efficiënte segmenten van het nationale gebouwenbestand.

(74)

 Aanbeveling C(2020) 9600 van de Commissie over energiearmoede.

(75)

BE, Vlaams Gewest. Kwetsbare groepen komen in aanmerking voor een gratis energiescan van hun woning; ieder jaar worden meer dan 20 000 van die scans uitgevoerd.

(76)

  https://ec.europa.eu/energy/topics/energy-efficiency/energy-efficient-buildings/eu-bso_en  

(77)

  https://www.energypoverty.eu/  

(78)

  https://ec.europa.eu/info/horizon-europe-next-research-and-innovation-framework-programme/missions-horizon-europe/climate-neutral-and-smart-cities_en

(79)

https://www.burgemeestersconvenant.eu/

(80)

 Voorbeelden van door de EU medegefinancierde projecten voor de industrialisering van renovatieprocessen van gebouwen: Transition Zero , Energiesprong , 4RinEU , BERTIM , MORE-CONNECT , P2Endure , Pro-GET-OnE , DRIVE 0 .

(81)

 In 2017 bedroeg het totale aandeel fossiele brandstoffen in de verwarming van gebouwen 76,5 %.

(82)

 In Denemarken en Letland is echter tot 60 % van de warmte afkomstig van stadsverwarmingssystemen.

(83)

In vergelijking met 33 % in het basisscenario. 

(84)

 Artikel 15, lid 7, van Richtlijn (EU) 2018/2001 ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen.

(85)

 Artikel 14 van Richtlijn (EU) 2012/27 betreffende energie-efficiëntie.

(86)

 Veel complexe, industriële gebouwen en dienstgebouwen, zoals datacentra, geven momenteel in de omgeving overtollige warmte of koude af die kan worden hergebruikt. Onder meer winkelcentra en datacentra beschikken over opmerkelijk potentieel.

(87)

 Dit wordt benadrukt door de verplichting dat tegen 31 december 2020 een uitgebreide beoordeling moet worden uitgevoerd van het potentieel inzake efficiënte stadsverwarming en -koeling overeenkomstig artikel 14, lid 1, van Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie, als gewijzigd bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/826 van de Commissie, en bijlage VIII daarbij. In de komende tweede uitgebreide beoordeling moet ook aan de vereisten van artikel 15, lid 7, van de herschikte richtlijn hernieuwbare energie worden voldaan door er de beoordelingen van het potentieel inzake energie uit hernieuwbare bronnen en het gebruik van afvalwarmte en -koude voor verwarming en koeling in op te nemen.

(88)

 Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten.

(89)

 Verordening (EU) 2017/1369 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2017 tot vaststelling van een kader voor energie-etikettering en tot intrekking van Richtlijn 2010/30/EU (PB L 198 van 28.7.2017, blz. 1).

(90)

COM(2020) 562 final.