Besluit 2008/317 - Niet-opneming van rotenon, extract van equisetum en kinine hydrochloride in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG en de intrekking van de toelating voor gewasbeschermingsmiddelen die deze stoffen bevatten - Hoofdinhoud
18.4.2008 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 108/30 |
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE
van 10 april 2008
betreffende de niet-opneming van rotenon, extract van equisetum en kinine hydrochloride in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad en de intrekking van de toelating voor gewasbeschermingsmiddelen die deze stoffen bevatten
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 1293)
(Voor de EER relevante tekst)
(2008/317/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (1), en met name op artikel 8, lid 2, vierde alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) |
Artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG bepaalt dat een lidstaat gedurende een periode van twaalf jaar na de kennisgeving van deze richtlijn mag toelaten dat gewasbeschermingsmiddelen die niet in bijlage I bij die richtlijn opgenomen werkzame stoffen bevatten en die twee jaar na de datum van kennisgeving van de richtlijn reeds op de markt zijn, op zijn grondgebied op de markt worden gebracht terwijl deze stoffen in het kader van een werkprogramma geleidelijk worden onderzocht. |
(2) |
De Verordeningen (EG) nr. 1112/2002 (2) en (EG) nr. 2229/2004 (3) van de Commissie stellen bepalingen vast voor de uitvoering van de vierde fase van het werkprogramma als bedoeld in artikel 8, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG. |
(3) |
Rotenon, extract van equisetum en kinine hydrochloride zijn stoffen die tot de vierde fase van het programma behoren. |
(4) |
De enige kennisgevers voor rotenon, extract van equisetum en kinine hydrochloride hebben de Commissie op 5 januari 2007, 15 februari 2007 respectievelijk 20 juni 2007 meegedeeld dat zij niet langer wensten deel te nemen aan het werkprogramma voor deze werkzame stoffen, en daarom zal geen verdere informatie worden verstrekt. Bijgevolg mogen deze werkzame stoffen niet worden opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG. |
(5) |
Voor rotenon is informatie ingediend die door de Commissie in samenwerking met de deskundigen van de lidstaten is geëvalueerd en waaruit blijkt dat het voortgezette gebruik van de betrokken stof noodzakelijk is. Onder de huidige omstandigheden is het daarom gerechtvaardigd de intrekking van de toelatingen voor bepaalde essentiële toepassingen waarvoor geen doelmatige alternatieven bestaan, uit te stellen en strikte voorwaarden op te leggen om eventuele risico’s zoveel mogelijk te beperken. |
(6) |
Voor werkzame stoffen waarvoor slechts een korte termijn voor de intrekking van gewasbeschermingsmiddelen die deze stoffen bevatten is vastgesteld, is het redelijk maximaal twaalf maanden extra toe te staan voor de verwijdering, de opslag, het op de markt brengen of het gebruik van bestaande voorraden gewasbeschermingsmiddelen zodat de bestaande voorraden nog gedurende ten hoogste één extra groeiseizoen kunnen worden gebruikt. In gevallen waarin een langere termijn is vastgesteld, kan die periode worden verkort zodat deze aan het einde van het groeiseizoen afloopt. |
(7) |
Deze beschikking laat de indiening van een aanvraag voor deze werkzame stoffen overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Richtlijn 91/414/EEG met het oog op de eventuele opneming van deze stof in bijlage I bij die richtlijn onverlet. |
(8) |
De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid, |
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
De in bijlage I bij deze beschikking vermelde werkzame stoffen worden niet als werkzame stoffen opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG.
Artikel 2
De lidstaten zorgen ervoor dat:
a) |
toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die de in bijlage I vermelde werkzame stoffen bevatten, uiterlijk op 10 oktober 2008 worden ingetrokken; |
b) |
met ingang van de datum van bekendmaking van deze beschikking geen gewasbeschermingsmiddelen meer worden toegelaten die deze werkzame stoffen bevatten en geen toelatingen voor dergelijke gewasbeschermingsmiddelen meer worden verlengd. |
Artikel 3
-
1.In afwijking van artikel 2 mag een in kolom B van bijlage II vermelde lidstaat toelatingen voor gewasbeschermingsmiddelen die in kolom A vermelde stoffen bevatten voor in kolom C van die bijlage vermelde gebruiksdoeleinden, uiterlijk tot en met 30 april 2011 handhaven, mits deze lidstaat:
a) |
ervoor zorgt dat daar geen schadelijke gevolgen voor de gezondheid van mens of dier en geen onaanvaardbare milieueffecten uit resulteren; |
b) |
ervoor zorgt dat de gewasbeschermingsmiddelen die nog op de markt zijn, een nieuw etiket krijgen zodat zij aan de strengere gebruiksvoorschriften voldoen; |
c) |
de nodige maatregelen neemt om mogelijke risico’s zo gering mogelijk te houden; |
d) |
ervoor zorgt dat ernstig naar alternatieven voor die gebruiksdoeleinden wordt gezocht. |
-
2.De lidstaten die van de in lid 1 genoemde afwijking gebruikmaken, stellen de Commissie uiterlijk op 31 december van elk jaar in kennis van de maatregelen die zij overeenkomstig lid 1, en met name overeenkomstig de punten a) tot en met d), hebben genomen.
Artikel 4
Eventuele extra termijnen die de lidstaten overeenkomstig artikel 4, lid 6, van Richtlijn 91/414/EEG toestaan, moeten zo kort mogelijk zijn.
Als de toelatingen overeenkomstig artikel 2 worden ingetrokken, loopt de extra termijn uiterlijk op 10 oktober 2009 af.
Als de toelatingen overeenkomstig artikel 3 worden ingetrokken, loopt de extra termijn uiterlijk op 31 oktober 2011 af.
Artikel 5
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 10 april 2008.
Voor de Commissie
Androulla VASSILIOU
Lid van de Commissie
-
PB L 230 van 19.8.1991, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2008/45/EG van de Commissie (PB L 94 van 5.4.2008, blz. 21).
-
PB L 379 van 24.12.2004, blz. 13. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1095/2007 (PB L 246 van 21.9.2007, blz. 19).
BIJLAGE I
Lijst van werkzame stoffen die niet als werkzame stoffen worden opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG
Rotenon
Extract van equisetum
Kinine hydrochloride
BIJLAGE II
Lijst van toelatingen als bedoeld in artikel 3, lid 1
Kolom A |
Kolom B |
Kolom C |
Werkzame stof |
Lidstaat |
Gebruik |
Rotenon |
Frankrijk |
Appelen, peren, perziken, kersen, druiven en aardappelen. Uitsluitend voor professionele gebruikers met passende beschermingsmiddelen. |
Rotenon |
Italië |
Appelen, peren, perziken, kersen, druiven en aardappelen. Uitsluitend voor professionele gebruikers met passende beschermingsmiddelen. |
Rotenon |
Verenigd Koninkrijk |
Appelen, peren, perziken, kersen, siergewassen en aardappelen. Uitsluitend voor professionele gebruikers met passende beschermingsmiddelen. |
Deze samenvatting is overgenomen van EUR-Lex.