Davids en Q-Koorts…

Met dank overgenomen van E.A. (Ernst) Cramer i, gepubliceerd op donderdag 14 januari 2010.

Dinsdag werd dan eindelijk het langverwachte rapport van de commissie Davids gepresenteerd. In de Commissie Buitenland was een procedure afgesproken hoe dit rapport behandeld zou worden. Daar zat toen nog geen spoeddebat bij…

Woensdag hebben we gesproken met minister Verburg over de eerste resultaten van de aanpak van de Q-koorts en die verschrikkelijke ruimingen. Ook al niet iets om vrolijk van te worden.

We beginnen de week dus stevig. Mijn collega’s spraken er ook al over, Arie heeft gelijk namens de fractie dinsdag aal onze eerste bevindingen naar buiten gebracht. Stevige conclusies, een gedegen rapport, en nu de bestudering. In de procedure is afgesproken dat er een gesprek gaat komen met de commissie Davids over de bevindingen en aanbevelingen. Dan komt een uitgebreide kabinetsreactie en dan het debat. Maar na de persconferentie van dinsdagmiddag ontstond er ineens een hele dynamiek over wie nu die persconferentie had gegeven: de premier van toen of de premier van nu? En namens wie. Zoals Esmé gisteren in het Fractieblog al schreef: dat werd dus een spoeddebat. Op woensdag. Om precies te zijn…nou dat werd dus even een discussie. Tijdens de Regeling van Werkzaamheden - die is er in principe iedere dag zo rond het middaguur - werd een debat aangevraagd om over de ontstane situatie te spreken. Wij hebben dat ook gesteund want zoiets moest naar onze mening niet al te lang in de lucht blijven hangen. We moeten het tenslotte hebben over de inhoud nietwaar? Maar we wilden alleen discussiëren op basis van een brief, want waar gaat anders een debat over? Nu is dat laatste tegenwoordig meer een retorische verzuchting. Er zijn (teveel) partijen in de Kamer die rustig kunnen discussiëren met de regering zonder een brief. Wanneer het uitkomt wordt de kreet “de regering regeert, de Kamer controleert” te pas en te onpas gebruikt. Maar als de Kamer haast heeft hoeven we niets iets te hebben als een brief om op basis van de normale communicatie tussen regering en Kamer te spreken. Nee, dan hebben we ineens genoeg aan de informatie uit de media. Ja, da’s lekker…zo komen we er dus niet.

Om kort te zijn: regeling ‘s middags om brief gevraagd; regeling om zes uur ‘s avonds geconstateerd dat er nog geen brief was, om half tien komen we weer bij elkaar, brief moet nu toch echt komen; regeling om half tien was nog steeds de aarzeling of die brief nu wel of niet kwam. Maar om 21.45 uur kwam het verlossende woord: de brief komt binnen enkele minuten; 20 minuten daarna begint het debat. En gelukkig is de brief een goede verklaring van het standpunt van de regering die ook voor ons de onduidelijkheid wegneemt over de visie van het kabinet die ontstaan was over het rapport Davids. De aanbevelingen uit het rapport zal leidend zijn in de te verwachten reactie van het kabinet en een adequater volkenrechtelijk mandaat was nodig geweest. Natuurlijk gaat de discussie dan nog heel lang duren. Omdat sommige collega’s het nog preciezer willen weten. Omdat andere collega’s niet het antwoord krijgen dat ze willen horen. Omdat de Tv-camera’s nog steeds draaien. Dat ontlokte om twee uur ’s nachts Kamervoorzitter Verbeet de opmerking: de uitzending op TV is nu gestopt, we kunnen het nu hoop ik snel afronden. De spijker op zijn kop. De Minister President heeft aangegeven het belang van een zorgvuldige behandeling van het Rapport en het feit dat met de kennis van nu we mogelijk een ander besluit genomen zouden hebben. En zo is het. Om kwart voor 3 ’s nachts is het debat dan klaar. Ik heb Esmé naar haar logeerpartijtje gebracht en Joel naar huis, en ben toen rustig naar huis gereden. Lag ik toch mooi om 5 uur in bed. Hennie was al wel gaan slapen, het nachtlampje brandde nog. Gelukkig een spaarlamp…

Maar daarvoor hadden in de middag dus nog gesproken over de Q-koorts. En de ruimingen die nu bezig zijn, waarbij het zelfs de verwachting is dat dit nog wel even doorgaat. Inmiddels is er meer onduidelijkheid over de noodzaak van ruimen ontstaan omdat kinderboerderijen niet hoeven geruimd te worden. Maar de contacten tussen mensen en die drachtige geiten is op zo’n boerderij nog veel intensiever dan op een melkgeitenbedrijf. Op mijn voorstel komt daar nu een nadere brief over naar de Kamer. Opnieuw heb ik gevraagd helderheid te geven over de mogelijkheden van het individueel testen van de dieren. Want ik heb er geen vrede mee dat naar verwachting veel gezonde geiten gedood worden omdat we niet precies kunnen vaststellen welke geit in een hele groep besmet is. kwam er nu maar een goede test…

Wordt vervolgd.

Ernst