MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S Maak de cirkel rond - Een EU-actieplan voor de circulaire economie

1.

Tekst

EUROPESE COMMISSIE

Brussel, 2.12.2015

COM(2015) 614 final

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S

Maak de cirkel rond - Een EU-actieplan voor de circulaire economie

Maak de cirkel rond — Een EU-actieplan voor de circulaire economie

Inleiding

De overgang naar een meer circulaire economie, waarin de waarde van producten, materialen en hulpbronnen in de economie zo lang mogelijk kan worden behouden en de afvalproductie tot een minimum wordt beperkt, levert een essentiële bijdrage aan de inspanningen van de EU om tot een duurzame, koolstofarme, hulpbronnenefficiënte en concurrerende economie te komen. Een dergelijke overgang is de gelegenheid om onze economie te transformeren en nieuwe en duurzame concurrentievoordelen voor Europa te genereren.

Een circulaire economie verstrekt het concurrentievermogen van de EU door bedrijven te beschermen tegen de schaarste van hulpbronnen en instabiele prijzen en draagt bij tot het creëren van nieuwe mogelijkheden voor het bedrijfsleven en vernieuwende, meer efficiënte manieren van produceren en consumeren. Een circulaire economie schept lokaal banen op alle vaardigheidsniveaus en creëert kansen voor sociale integratie en samenhang. Tegelijkertijd wordt energie bespaard en bijgedragen tot het voorkomen van onherstelbare schade (aan het klimaat en de biodiversiteit en in de zin van lucht-, bodem- en waterverontreiniging) die wordt veroorzaakt door hulpbronnen sneller te verbruiken dan de aarde deze kan aanvullen. In een recent rapport wordt tevens gewezen op nog meer voordelen van een circulaire economie 1 , waaronder het verlagen van de huidige kooldioxide-uitstoot. Maatregelen betreffende een circulaire economie sluiten derhalve nauw aan bij de kernprioriteiten van de EU, waaronder banen en groei, de investeringsagenda, klimaat en energie, de sociale agenda en industriële innovatie, en bij de wereldwijde inspanningen betreffende duurzame ontwikkeling.

Economische actoren, zoals het bedrijfsleven en consumenten, zijn van essentieel belang voor de voortgang van dit proces. Lokale, regionale en nationale overheden maken de overgang mogelijk, maar de EU heeft ook een belangrijke rol in de ondersteuning ervan. Het doel is om voor het juiste regelgevingskader voor de ontwikkeling van een circulaire economie in de eengemaakte markt te zorgen om een duidelijk signaal aan economische actoren en de samenleving in het algemeen af te geven over verdere stappen betreffende afvaldoelstellingen op de lange termijn, alsmede over een concreet, breed en ambitieus maatregelenpakket, dat vóór 2020 moeten worden uitgevoerd. Maatregelen op EU-niveau stimuleren investeringen en creëren een gelijk speelveld, nemen belemmeringen weg die uit Europese wetgeving of ontoereikende handhaving voortvloeien, verdiepen de eengemaakte markt en waarborgen gunstige voorwaarden voor innovatie en de betrokkenheid van alle belanghebbenden.

De wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen, die samen met dit actieplan zijn vastgesteld, omvatten streefdoelen voor de lange termijn om het storten van afval te verminderen en de voorbereiding voor hergebruik en de recycling van belangrijke afvalstromen, zoals stedelijk afval en verpakkingsafval, te intensiveren. De streefdoelen moeten de lidstaten brengen tot geleidelijke convergentie van het niveau van beste praktijken en de noodzakelijke investeringen in afvalbeheer stimuleren. Verdere maatregelen worden voorgesteld om de uitvoering duidelijk en eenvoudig te maken, economische stimulansen te bevorderen en regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid te verbeteren.

Door duurzame activiteit in belangrijke sectoren en nieuwe kansen voor het bedrijfsleven te stimuleren, draagt het plan bij tot het ontsluiten van het potentieel voor groei en banen van een circulaire economie. Het plan bevat ook uitgebreide verbintenissen betreffende ecologisch ontwerp, de ontwikkeling van een strategische aanpak voor kunststoffen en chemicaliën, een grootschalig initiatief voor de financiering van innovatieprojecten in het kader van het EU-onderzoeksprogramma Horizon 2020, en gerichte maatregelen op gebieden zoals kunststoffen, levensmiddelenafval, bouw, kritieke grondstoffen, industrie- en mijnbouwafval, consumptie en overheidsopdrachten. Andere belangrijke wetgevingsvoorstellen voor meststoffen en hergebruik van water volgen later. Tot slot zijn er horizontale ondersteunende maatregelen opgenomen op gebieden als innovatie en investeringen om de overgang naar een circulaire economie te bevorderen. De voorgestelde acties ondersteunen de circulaire economie in elke stap van de waardeketen, van productie tot consumptie, reparatie en herproductie, afvalbeheer en secundaire grondstoffen die weer in de economie worden teruggebracht. De voorgestelde maatregelen worden uitgevoerd overeenkomstig de beginselen van betere regelgeving na passende raadpleging en effectbeoordeling.

Het actieplan is gericht op maatregelen op EU-niveau met hoge toegevoegde waarde. De verwezenlijking van een circulaire economie vereist echter een langdurige betrokkenheid op alle niveaus, van lidstaten, regio's en steden tot bedrijven en burgers. De lidstaten worden uitgenodigd om volledig aan de EU-maatregelen deel te nemen en deze te integreren in en aan te vullen met nationale maatregelen. De circulaire economie moet zich ook wereldwijd ontwikkelen. Betere samenhang van het beleid op dit gebied in het interne en externe optreden van de EU versterkt de uitvoering onderling en is cruciaal voor de uitvoering van wereldwijde verbintenissen van de Unie en de EU-lidstaten en met name de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN en de alliantie van de G7 voor een efficiënt hulpbronnengebruik. Dit actieplan speelt een grote rol bij het bereiken van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling ("sustainable development goals" of SDG's) tegen 2030, met name doelstelling 12, het waarborgen van duurzame consumptie- en productiepatronen.

  • 1. 
    Productie

Een circulaire economie start bij het prille begin van de levenscyclus van een product. Zowel de ontwerpfase als de productieprocessen zijn van invloed op de verwerving, het gebruik van hulpbronnen en de afvalproductie gedurende de levenscyclus van een product.

1.1.Productontwerp

Een beter ontwerp kan producten duurzamer maken of ervoor zorgen dat zij gemakkelijker kunnen worden gerepareerd, verbeterd of geherproduceerd. Het kan recyclers helpen producten te demonteren om waardevolle materialen en componenten terug te winnen. Over het geheel genomen kan het helpen kostbare hulpmiddelen te behouden. De huidige marktsignalen lijken echter onvoldoende te zijn om dit mogelijk te maken, met name omdat de belangen van producenten, gebruikers en recyclers niet op elkaar zijn afgestemd. Daarom is het essentieel prikkels voor een verbeterd productontwerp te creëren zonder afbreuk te doen aan de eengemaakte markt en de concurrentie, en innovatie mogelijk maken.

Elektrische en elektronische producten zijn in dit verband van bijzonder belang. Repareerbaarheid kan voor consumenten belangrijk zijn en deze producten kunnen waardevolle materialen bevatten waarvan de recycling eenvoudiger moet worden gemaakt (bv. zeldzame aardmetalen in elektronische apparaten). In het kader van de richtlijn inzake ecologisch ontwerp 2 , die ten doel heeft de efficiëntie en milieuprestaties van energiegerelateerde producten te verbeteren, legt de Commissie bij toekomstige eisen voor productontwerpen de nadruk op aspecten van een circulaire economie om een beter ontwerp van deze producten te stimuleren. Tot op heden zijn de eisen inzake ecologisch ontwerp voornamelijk op energie-efficiëntie gericht 3 ; in de toekomst worden aspecten als repareerbaarheid, duurzaamheid, verbeterbaarheid, recycleerbaarheid of de identificatie van bepaalde materialen of stoffen, systematisch onderzocht. De Commissie analyseert deze aspecten voor elk product apart in nieuwe werkprogramma's en evaluaties, waarbij met de specifieke kenmerken en problemen van de verschillende producten (zoals innovatiecycli) rekening wordt gehouden en nauw met de relevante belanghebbenden wordt samengewerkt.

Als eerste stap heeft de Commissie in het kader van de richtlijn inzake ecologisch ontwerp verplichte eisen voor productontwerp en markering uitgewerkt, die zij binnenkort aan de lidstaten voorstelt, om het gemakkelijker en veiliger te maken elektronische beeldschermen (bv. platte computer of televisieschermen) te demonteren, te hergebruiken en te recycleren.

De Commissie stelt ook voor een beter productontwerp te bevorderen door de hoogte van de financiële bijdrage die producenten uit hoofde van regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid betalen, te koppelen aan de kosten aan het einde van de levensduur van hun producten. Hiermee wordt een rechtstreekse economische stimulans gecreëerd om producten te ontwerpen die gemakkelijker kunnen worden gerecycled of hergebruikt.

Tot slot onderzoekt de Commissie de mogelijkheden en maatregelen voor een coherenter beleidskader voor de verschillende werkterreinen van het EU-productbeleid 4 en de bijdrage daarvan tot een circulaire economie.

  • De Commissie bevordert de repareerbaarheid, verbeterbaarheid, duurzaamheid en recycleerbaarheid van producten door in haar toekomstige werkzaamheden in het kader van de richtlijn inzake ecologisch ontwerp producteisen te ontwikkelen die voor een circulaire economie relevant zijn, voor zover van toepassing en rekening houdend met de specifieke kenmerken van de verschillende productgroepen. In het werkprogramma inzake ecologisch ontwerp voor 2015-2017 wordt in detail uitgewerkt hoe dit wordt uitgevoerd. Ook voor elektronische beeldschermen stelt de Commissie binnenkort eisen voor op het gebied van ecologisch ontwerp.
  • In de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen creëren bepalingen over uitgebreide verantwoordelijkheid van de producent economische prikkels voor een beter productontwerp.
  • De Commissie onderzoekt de mogelijkheden en maatregelen voor een coherenter beleidskader voor de verschillende werkterreinen van haar productbeleid en de bijdrage daarvan tot een circulaire economie.

    1.2.Productieprocessen

Zelfs voor producten en materialen die op een slimme manier zijn ontworpen, kan inefficiënt gebruik van hulpbronnen in productieprocessen leiden tot het missen van kansen voor het bedrijfsleven en tot aanzienlijke afvalproductie.

Ook in een circulaire economie blijven primaire grondstoffen, met inbegrip van hernieuwbare grondstoffen, in de productieprocessen een belangrijke rol spelen. In dit verband moet aandacht worden besteed aan de sociale en milieueffecten van de productie daarvan, zowel in de EU als in derde landen. De Commissie stimuleert daarom wereldwijd de duurzame verwerving van grondstoffen, bv. door middel van beleidsdialogen, partnerschappen en haar handels- 5 en ontwikkelingsbeleid. Er is een belangrijke rol voor de industrie weggelegd die specifieke toezeggingen betreffende duurzame verwerving moet doen en moet zorgen voor samenwerking tussen de waardeketens.

Wat het gebruik van hulpbronnen, de afvalproductie en het afvalbeheer betreft, is elke industriesector anders. Daarom blijft de Commissie in een aantal industriële sectoren beste praktijken bevorderen door middel van de referentiedocumenten over de beste beschikbare technieken (BREF's) die de lidstaten bij het uitvaardigen van vergunningsvereisten voor industriële installaties moeten gebruiken, en bevordert zij beste praktijken op het gebied van mijnbouwafval. De Commissie helpt ook het midden- en kleinbedrijf (mkb) om van de commerciële mogelijkheden van een efficiënter gebruik van hulpbronnen te profiteren door de oprichting van een Europees kenniscentrum inzake hulpbronnenefficiëntie 6 . Voorbeelden van acties op dit gebied zijn het bevorderen van de vervanging van zorgwekkende chemische stoffen of het ondersteunen van de toegang van het mkb tot innovatieve technologieën 7 . Ondernemingen, en het mkb in het bijzonder, zouden ook kunnen profiteren van de verbetering van de efficiëntie en de toepassing van het milieubeheer- en milieuauditsysteem van de EU (EMAS) 8 en het proefprogramma inzake milieutechnologietoetsing (ETV) 9 .

Bovendien is het belangrijk innovatieve industriële processen te bevorderen. Met behulp van industriële symbiose kunnen bijvoorbeeld afvalstoffen of bijproducten van de ene bedrijfstak grondstoffen voor een andere bedrijfstak worden. In haar herziene voorstellen betreffende afvalstoffen stelt de Commissie voor deze praktijk te vergemakkelijken en zij treedt met de lidstaten in overleg om mede voor een gemeenschappelijke interpretatie van de regels voor bijproducten te zorgen. Het hergebruik van gasvormige effluenten 10 is een ander voorbeeld van een innovatief proces. Ook herproductie 11 is een veelbelovend gebied: het is in bepaalde bedrijfstakken, zoals voertuigen of industriële machines, al een gangbare praktijk, maar kan in nieuwe sectoren worden toegepast. De EU steunt deze veelbelovende ontwikkelingen via het programma voor onderzoek en innovatie, Horizon 2020, 12 en via fondsen voor het cohesiebeleid 13 .

  • De Commissie neemt in de referentiedocumenten over de beste beschikbare technieken (BREF's) richtsnoeren op voor de beste praktijken voor afvalbeheer en een efficiënt hulpbronnengebruik in industriële sectoren 14 en zij publiceert richtsnoeren en bevordert beste praktijken voor mijnbouwafval.
  • De Commissie stelt voor (in de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen) de regels voor bijproducten te verduidelijken om industriële symbiose makkelijker te maken en tot de totstandbrenging van een gelijk speelveld in de hele EU bij te dragen.
    • 2. 
      Verbruik

De keuzen van miljoenen consumenten kunnen de circulaire economie ondersteunen of hinderen. Deze keuzen worden gebaseerd op de informatie waartoe consumenten toegang hebben, het assortiment en de prijzen van bestaande producten, en het regelgevingskader. Deze fase is ook van essentieel belang voor de preventie en vermindering van de productie van huishoudelijk afval.

Europese consumenten die met een veelheid aan labels en milieuclaims worden geconfronteerd, vinden het vaak moeilijk om onderscheid tussen producten te maken en de beschikbare informatie te vertrouwen. Groene claims voldoen mogelijk niet altijd aan de wettelijke eisen voor betrouwbaarheid, nauwkeurigheid en duidelijkheid 15 . Samen met belanghebbende partijen werkt de Commissie aan de betrouwbaarheid van groene claims en zorgt zij voor betere handhaving van de bestaande regels, onder meer door geactualiseerde richtsnoeren betreffende oneerlijke handelspraktijken 16 . Zij test momenteel de milieuvoetafdruk van producten 17 , een methode voor het meten van milieuprestaties, en zij gaat na of deze bruikbaar is voor het meten of communiceren van milieu-informatie. De vrijwillige EU-milieukeur identificeert producten die gedurende hun gehele levenscyclus minder effect op het milieu hebben. De Commissie onderzoekt hoe de doeltreffendheid en de bijdrage daarvan tot de circulaire economie kan worden vergroot 18 .

Eerder dit jaar heeft de Commissie een voorstel gedaan voor een verbeterd systeem voor de etikettering van de energieprestaties van huishoudelijke apparaten en andere energiegerelateerde producten, dat consumenten moet helpen de efficiëntste producten te kiezen 19 . Het voorgestelde systeem moet het ook mogelijk maken om consumenten informatie te tonen over de milieuprestaties, waaronder de duurzaamheid, van energiegerelateerde producten 20 .

Een van de belangrijkste factoren die van invloed zijn op aankoopbeslissingen is de prijs, zowel in de waardeketen als voor de eindgebruiker. De lidstaten worden derhalve aangemoedigd om stimulansen te bieden en economische instrumenten te gebruiken, zoals belastingheffing, om ervoor te zorgen dat de milieukosten beter in de prijzen van producten tot uiting komen. Aspecten betreffende garanties, zoals de wettelijke garantietermijn en de omkering van de bewijslast 21 , vormen ook een belangrijk deel van de consumptiepuzzel, aangezien consumenten hiermee tegen producten met gebreken kunnen worden beschermd en deze aspecten bijdragen tot de duurzaamheid en repareerbaarheid van producten, waardoor zij niet worden weggegooid. In de EU bestaat voor fysieke goederen een wettelijke garantietermijn van twee jaar, maar bij de toepassing daarvan doen zich nog steeds problemen voor. De Commissie pakt dergelijke kwesties aan, met name in het kader van het voorstel voor onlineverkoop van goederen dat zij binnenkort indient. In het voorstel worden ook belangrijke onderdelen van de consumentenwetgeving geëvalueerd en worden mogelijke verbeteringen overwogen 22 .

Als een product eenmaal is aangeschaft, kan de levensduur ervan door hergebruik en reparatie worden verlengd, waarmee verspilling wordt vermeden. Hergebruik en reparatie zijn arbeidsintensieve sectoren en dragen derhalve bij tot de agenda voor banen en de sociale agenda van de EU. Momenteel kunnen bepaalde producten vanwege hun ontwerp niet worden gerepareerd of zijn reserveonderdelen of reparatie-informatie niet beschikbaar. Verdere werkzaamheden betreffende het ecologisch ontwerp (zie punt 1.1) dragen ertoe bij dat producten duurzamer en makkelijker te repareren worden; er wordt met name gekeken naar eisen betreffende de beschikbaarheid van reserveonderdelen en reparatie-informatie (bv. via onlinereparatiehandleidingen), onder meer door het verkennen van de mogelijkheid van horizontale eisen betreffende de verstrekking van reparatie-informatie. Praktijken betreffende geplande veroudering kunnen ook de nuttige levensduur van producten beperken. Via een onafhankelijk testprogramma begint de Commissie met werkzaamheden om dergelijke praktijken op te sporen en manieren te vinden om deze aan te pakken. Bovendien bevatten de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen nieuwe bepalingen om activiteiten op het gebied van de voorbereiding voor hergebruik te stimuleren. De lidstaten en de regionale en lokale overheden hebben ook een belangrijke rol bij de bevordering van hergebruik en reparatie, en sommige hebben op dit gebied al initiatieven genomen.

Er kunnen ook andere maatregelen worden getroffen om de hoeveelheid huishoudelijk afval te verminderen. Dit is vaak doeltreffender op nationaal en lokaal niveau, waar maatregelen doelgerichter kunnen zijn: bewustmakingscampagnes en economische prikkels 23 zijn bijzonder doeltreffend gebleken. De Commissie bevordert afvalpreventie en hergebruik door de uitwisseling van informatie en beste praktijken en door financiering uit de fondsen voor het cohesiebeleid voor projecten op lokaal en regionaal niveau, waaronder interregionale samenwerking.

Innovatieve vormen van consumptie kunnen ook de ontwikkeling van een circulaire economie ondersteunen, bv. het delen van producten of infrastructuur (deeleconomie), het afnemen van van diensten in plaats van producten, of het gebruik van informatietechnologie of digitale platforms. Deze nieuwe vormen van consumptie worden vaak door bedrijven of burgers ontwikkeld en op nationaal, regionaal en lokaal niveau gestimuleerd. De Commissie steunt deze nieuwe bedrijfs- en consumptiepatronen via Horizon 2020 en door middel van de financiering van het cohesiebeleid (zie ook punt 6). Zoals aangekondigd in de strategie voor de eengemaakte markt 24 , zal zij ook een Europese agenda voor de deeleconomie ontwikkelen.

Overheidsopdrachten zijn goed voor een groot deel van de Europese consumptie (bijna 20 % van het bbp van de EU). Zij kunnen in een circulaire economie dan ook een belangrijke rol spelen en de Commissie stimuleert deze rol door maatregelen op het gebied van groene overheidsopdrachten 25 , waarin op EU-niveau criteria worden uitgewerkt die vervolgens op vrijwillige basis door overheidsinstanties worden gebruikt. Allereerst zorgt de Commissie ervoor dat in de toekomst bij de opstelling of herziening van criteria bijzondere nadruk wordt gelegd op aspecten die voor een circulaire economie relevant zijn, zoals duurzaamheid en repareerbaarheid. Daarnaast ondersteunt zij een bredere toepassing van deze criteria door overheidsinstanties 26 en overweegt zij hoe groene overheidsopdrachten in de EU op grotere schaal kunnen worden gebruikt, met name voor producten of markten die voor de circulaire economie van groot belang zijn. Tot slot geeft de Commissie het goede voorbeeld door ervoor te zorgen dat haar eigen aanbestedingen zo groen mogelijk zijn en door bij EU-financiering groene aanbesteding te versterken.

  • In haar werkzaamheden op het gebied van ecologisch ontwerp neemt de Commissie met name evenredige eisen betreffende duurzaamheid en de beschikbaarheid van reparatie-informatie en reserveonderdelen, alsmede duurzaamheidsinformatie in toekomstige maatregelen voor energie-etikettering in aanmerking.
  • In de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen stelt de Commissie nieuwe regels vast die activiteiten op het gebied van hergebruik stimuleren.
  • De Commissie streeft naar betere handhaving van de garanties voor concrete producten, onderzoekt de eventuele mogelijkheden voor verbetering en bestrijdt valse milieuclaims.
  • De Commissie stelt een onafhankelijk testprogramma op in het kader van Horizon 2020 om bij te dragen tot de identificatie van kwesties in verband met mogelijke geplande veroudering. Voor zover nodig worden bij deze werkzaamheden relevante belanghebbenden betrokken.
  • De Commissie neemt maatregelen op het gebied van groene overheidsopdrachten, door in nieuwe of herziene criteria de nadruk te leggen op aspecten in verband met de circulaire economie, door een bredere toepassing van groene overheidsopdrachten te ondersteunen en door het goede voorbeeld te geven bij haar eigen aanbestedingen en bij EU-financiering.
    • 3. 
      Afvalbeheer

Afvalbeheer speelt een centrale rol in een circulaire economie: het bepaalt hoe de EU-afvalhiërarchie in de praktijk wordt gebracht. In de afvalhiërarchie wordt een prioritaire volgorde vastgesteld van preventie, voorbereiding voor hergebruik, recycling en terugwinning van energie tot afvalverwijdering, zoals storten. Dit beginsel heeft tot doel om de opties te stimuleren die over het geheel genomen het beste milieuresultaat opleveren. De wijze waarop wij ons afval inzamelen en beheren, kan leiden tot hetzij hoge percentages recycling en waardevolle materialen die weer terugkomen in de economie, hetzij een inefficiënt systeem waarin het meeste recycleerbare afval op stortplaatsen terechtkomt of wordt verbrand, met potentieel schadelijke milieueffecten en aanzienlijke economische verliezen. Om een hoog niveau van terugwinning van grondstoffen te bereiken, is het van essentieel belang om overheidsinstanties, ondernemingen en beleggers signalen voor de lange termijn te sturen en om op EU-niveau de juiste voorwaarden te creëren, waaronder consequente handhaving van de geldende verplichtingen. Alle afvalstoffen moeten in aanmerking worden genomen, ongeacht of zij door huishoudens, bedrijven, industrie en mijnbouw (zie punt 1.2) of de bouwnijverheid (zie punt 5.4) worden geproduceerd.

Op dit moment wordt slechts circa 40 % van het door huishoudens in de EU geproduceerde afval gerecycleerd. Dit gemiddelde verhult grote verschillen tussen lidstaten en regio's, met cijfers van wel 80 % in sommige gebieden en minder dan 5 % in andere. De Commissie dient nieuwe wetgevingsvoorstellen over afvalstoffen in om een langetermijnvisie voor meer recycling en minder storten van stedelijk afval te bieden, waarbij rekening wordt gehouden met de verschillen tussen de lidstaten. Deze voorstellen sporen er ook toe aan meer gebruik van economische instrumenten te maken om de samenhang met de EU-afvalhiërarchie te waarborgen.

De herziene afvalvoorstellen bevatten tevens hogere streefdoelen voor recycling van verpakkingsmateriaal 27 , waarmee de streefdoelen voor stedelijk afval worden versterkt en het beheer van verpakkingsafval in de commercie en de industrie wordt verbeterd. Sinds de invoering van streefdoelen voor de gehele EU voor verpakkingen van papier, glas, plastic, metaal en hout is in de EU meer verpakkingsafval (van huishoudens en uit bronnen in de industrie en commercie) gerecycleerd 28 en er zijn mogelijkheden om nog meer te recycleren, met zowel economische als milieuvoordelen.

Om het niveau van kwalitatief hoogwaardige recycling te verhogen, zijn verbeteringen nodig bij het inzamelen en sorteren van afval. Inzamelings- en sorteringssystemen worden vaak gedeeltelijk door regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid gefinancierd, waarbij fabrikanten aan de kosten van inzameling en verwerking van producten bijdragen. Om deze regelingen doeltreffender te maken, stelt de Commissie minimumvoorwaarden voor transparantie en kostenefficiëntie voor. Lidstaten en regio's kunnen deze regelingen ook voor bijkomende afvalstromen als textiel of meubelen gebruiken.

In de herziene afvalvoorstellen zullen ook belangrijke kwesties betreffende de berekening van de recyclingpercentages worden behandeld. Dit is van essentieel belang om voor vergelijkbare statistieken van hoge kwaliteit over de gehele EU te zorgen, om het huidige systeem te vereenvoudigen en om een hoger percentage van daadwerkelijke recycling van afzonderlijk ingezameld afval te stimuleren.

Ook is het belangrijk om obstakels in de praktijk aan te pakken. Vaak worden hogere recyclingpercentages beperkt door administratieve capaciteit, te weinig investeringen in infrastructuur voor gescheiden inzameling en recycling en ontoereikend gebruik van economische instrumenten (bv. heffingen op storten of gedifferentieerde afvaltarieven); daarnaast zorgt het creëren van overcapaciteit in infrastructuur voor de behandeling van restafval (met inbegrip van gemengd afval) voor grote uitdagingen. In de nieuwe wetgevingsvoorstellen over afvalstoffen wordt met deze obstakels rekening gehouden door streefdoelen op de lange termijn en tussentijdse streefdoelen te combineren met de mogelijkheid van verlenging voor landen die bij de intensivering van de gescheiden inzameling en recycling met de grootste uitdagingen worden geconfronteerd, en tevens een uitvoeringsstrategie verplicht te stellen om te waarborgen dat er vooruitgang wordt geboekt en dat hiaten in de uitvoering tijdig worden aangepakt. De Commissie zet zich ook in om lidstaten die bij de uitvoering problemen hebben, technische steun te bieden en om de uitwisseling van beste praktijken te bevorderen met de landen en regio's die erin zijn geslaagd hun afvalbeheer te verbeteren. De Commissie is al een aantal initiatieven ter bevordering van de naleving gestart om een betere uitvoering van de EU-afvalwetgeving, met inbegrip van stedelijk en gevaarlijk afval en gescheiden inzameling, te waarborgen en om het bewustzijn op nationaal niveau te vergroten. De nauwe samenwerking met de lidstaten wordt in de toekomst geïntensiveerd en de aansluiting van de afvalwetgeving bij bredere acties ter ondersteuning van een circulaire economie wordt verbeterd.

Het cohesiebeleid van de EU moet een sleutelrol spelen bij het dichten van de investeringskloof voor een beter afvalbeheer en bij de ondersteuning van de toepassing van de afvalhiërarchie 29 . In de afgelopen twee decennia zijn deze fondsen in de gehele EU ingezet om een infrastructuur voor afvalbeheer te ontwikkelen. Voor het huidige financieringsprogramma (2014-2020) moet aan de ex-antevoorwaarden worden voldaan om te zorgen dat nieuwe investeringen in de afvalsector in overeenstemming zijn met de afvalbeheersplannen die de lidstaten hebben opgesteld om hun streefdoelen voor recycling te halen. Dit betekent dat uitsluitend in uitzonderlijke gevallen (bv. hoofdzakelijk voor niet-terugwinbare gevaarlijke afvalstoffen) financiering voor nieuwe stortplaatsen wordt verleend en dat alleen in een beperkt aantal goed onderbouwde gevallen financiering voor nieuwe verwerkingsinstallaties van restafval, zoals verbranding of mechanisch-biologische verwerking, wordt verleend indien er geen risico van overcapaciteit is en de doelstellingen van de afvalhiërarchie volledig worden nageleefd. In totaal wordt in het huidige financieringsprogramma volgens planning 5,5 miljard EUR voor afvalbeheer uitgetrokken.

Een andere belemmering voor hogere recyclingpercentages is het illegaal vervoeren van afvalstoffen, zowel binnen de EU als naar derde landen, wat vaak tot economisch suboptimale en milieuonvriendelijke behandeling leidt. In 2014 is een herziene verordening betreffende de overbrenging van afval vastgesteld 30 die de opsporing van deze illegale overbrengingen vergemakkelijkt; de Commissie neemt verdere maatregelen om ervoor te zorgen dat deze naar behoren wordt toegepast. Hoogwaardige afvalstromen, zoals autowrakken, worden specifiek aangepakt, om verlies van grondstoffen te voorkomen.

Om hoogwaardige recycling in de EU en elders te stimuleren, bevordert de Commissie bovendien de vrijwillige certificering van verwerkingsinstallaties voor bepaalde belangrijke soorten afvalstoffen (bv. elektronisch afval, plastic).

Als afval niet kan worden voorkomen of gerecycleerd, verdient benutting van de energetische inhoud ervan in de meeste gevallen de voorkeur boven storten, zowel voor het milieu als voor de economie. "Energie uit afval" kan derhalve een rol spelen en synergieën met het energie- en klimaatbeleid van de EU opleveren, maar moet door de beginselen van de EU-afvalhiërarchie worden geleid. De Commissie onderzoekt hoe deze rol kan worden geoptimaliseerd, zonder het bereiken van hogere hergebruik- en recyclingpercentages in gevaar te brengen, en hoe het overeenkomstige energiepotentieel het best kan worden benut. Daartoe neemt de Commissie in het kader van de energie-unie een initiatief "energie uit afval" aan.

De Commissie stelt, samen met dit actieplan, herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen vast die met name het volgende omvatten:

  • streefdoelen voor recycling voor de lange termijn voor stedelijk afval en verpakkingsafval, en vermindering van storten van afval;
  • bepalingen om het gebruik van economische instrumenten te bevorderen;
  • algemene eisen voor regelingen voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid;
  • vereenvoudiging en harmonisering van definities en berekeningsmethoden;

en zij gaat nog intensiever met de lidstaten samenwerken om het afvalbeheer in de praktijk te verbeteren en onder meer overcapaciteit in de verwerking van restafval te voorkomen.

De Commissie ondersteunt lidstaten en regio's om ervoor te zorgen dat investeringen in de afvalsector in het kader van het cohesiebeleid bijdragen tot de ondersteuning van de doelstellingen van de Europese afvalwetgeving en dat zij door de EU-afvalhiërarchie worden geleid.

  • 4. 
    Afvalstoffen worden hulpbronnen: het stimuleren van de markt voor secundaire grondstoffen en hergebruik van water

In een circulaire economie worden materialen die kunnen worden gerecycleerd, als nieuwe grondstoffen terug de economie in gepompt, waarmee de continuïteit van de aanvoer wordt vergroot. Deze "secundaire grondstoffen" kunnen net als primaire grondstoffen die uit traditionele bodemschatten worden gewonnen, worden verhandeld en verzonden.

Momenteel maken secundaire grondstoffen slechts een klein aandeel van de in de EU gebruikte materialen uit 31 . Afvalbeheerpraktijken hebben een rechtstreeks effect op de kwantiteit en de kwaliteit van de materialen en derhalve zijn maatregelen om deze praktijken te verbeteren van cruciaal belang (zie punt 3). Andere belemmeringen beperken echter de groei van deze belangrijke markt en van het probleemloze verkeer van de materialen en de Commissie is de belangrijkste obstakels in dit verband nader aan het analyseren. Op dit gebied zijn EU-maatregelen bijzonder belangrijk, gezien de gevolgen voor de eengemaakte markt en het verband met bestaande EU-wetgeving.

Een van de belemmeringen waarmee exploitanten die secundaire grondstoffen willen gebruiken, worden geconfronteerd, is de onzekerhid over de kwaliteit. Door het ontbreken van voor de hele EU geldende normen is het moeilijk onzuiverheidsgehalten te bepalen of te beoordelen of de secundaire grondstoffen geschikt zijn voor hoogwaardige recycling (bv. voor kunststoffen). De ontwikkeling van dergelijke normen zou waarschijnlijk het vertrouwen in secundaire grondstoffen en gerecycleerde materialen vergroten en tot de ondersteuning van de markt moeten bijdragen. Daarom maakt de Commissie in overleg met de betrokken bedrijfstakken, waar nodig, een begin met de werkzaamheden inzake voor de hele EU geldende kwaliteitsnormen voor secundaire grondstoffen. Daarnaast worden in de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen meer geharmoniseerde regels vastgesteld om te bepalen wanneer een secundaire grondstof wettelijk niet langer als "afval" mag worden beschouwd, door de bestaande regels inzake de "einde-afvalfase" te verduidelijken. Hierdoor krijgen exploitanten meer zekerheid en een gelijk speelveld.

Gerecycleerde nutriënten zijn een afzonderlijke en belangrijke categorie van secundaire grondstoffen, waarvoor kwaliteitsnormen moeten worden ontwikkeld. Zij zijn bijvoorbeeld in organisch afval aanwezig en kunnen als meststof weer in de bodem worden gebracht. Het duurzaam gebruik ervan in de landbouw vermindert de behoefte aan op mineralen gebaseerde meststoffen, waarvan de productie negatieve milieueffecten heeft en afhankelijk is van de invoer van fosfaatgesteente, een schaarse hulpbron. Het verkeer van meststoffen op basis van gerecycleerde nutriënten wordt momenteel echter belemmerd door het feit dat zowel de regels als de kwaliteits- en milieunormen van lidstaat tot lidstaat verschillen. Om deze situatie aan te pakken, stelt de Commissie een herziening van de EU-verordening inzake meststoffen voor. Dit leidt tot nieuwe maatregelen om erkenning in de gehele EU van organische en op afval gebaseerde meststoffen te vergemakkelijken, waardoor de duurzame ontwikkeling van een markt in de gehele EU wordt gestimuleerd.

In sommige delen van de EU is de waterschaarste in de afgelopen decennia groter geworden, met schadelijke gevolgen voor het milieu en de economie. Naast maatregelen betreffende waterefficiëntie is het hergebruik van gezuiverd afvalwater onder veilige en rendabele voorwaarden een belangrijke maar te weinig gebruikte methode om de watervoorziening te vergroten en de druk op de overbenutte watervoorraden in de EU te verlichten. Hergebruik van water in de landbouw draagt ook bij tot de recycling van nutriënten door substitutie van vaste meststoffen. De Commissie neemt een aantal maatregelen om het hergebruik van gezuiverd afvalwater te bevorderen, waaronder wetgeving betreffende minimumeisen voor hergebruikt water.

Een ander, zeer belangrijke onderwerp voor de ontwikkeling van markten voor secundaire grondstoffen is het verband met de wetgeving inzake chemische stoffen. Van een groeiend aantal chemische stoffen wordt vastgesteld dat zij zorgwekkend voor de gezondheid of het milieu zijn, en wordt het gebruik ervan beperkt of verboden. Deze stoffen, waarvan sommige een lange levensduur hebben, kunnen echter aanwezig zijn in producten die vóór toepassing van de beperkingen zijn verkocht, en daarom worden soms in recyclingstromen zorgwekkende chemische stoffen aangetroffen. Het kan zeer kostbaar zijn dergelijke stoffen op te sporen of te verwijderen, wat met name voor kleine recyclingbedrijven een belemmering kan vormen.

De bevordering van cycli van niet-toxisch materiaal en een betere tracering van zorgwekkende chemische stoffen in producten vergemakkelijkt recycling en verbetert de toepassing van secundaire grondstoffen. De interactie tussen wetgeving betreffende afvalstoffen, producten en chemische stoffen moet in het kader van een circulaire economie worden beoordeeld om te beslissen welke beleidsaanpak op EU-niveau de juiste is om de aanwezigheid van zorgwekkende stoffen aan te pakken, onnodige belasting van recyclingbedrijven te beperken en de traceerbaarheid en het risicobeheer van chemische stoffen in het recyclingproces te vergemakkelijken. De Commissie verdiept derhalve haar analyse en stelt opties voor maatregelen voor om onnodige belemmeringen te overwinnen en tegelijk een hoog niveau van bescherming van de gezondheid van de mens en het milieu te behouden. Deze werkzaamheden worden in de toekomstige EU-strategie voor een niet-toxisch milieu 32 verwerkt.

Het is ook cruciaal het grensoverschrijdende verkeer van secundaire grondstoffen te vergemakkelijken om te waarborgen dat deze moeiteloos in de gehele EU kunnen worden verhandeld. Onder de maatregelen op dit gebied valt de vereenvoudiging van grensoverschrijdende formaliteiten door de toepassing van elektronische gegevensuitwisseling. De Commissie onderzoekt andere belemmeringen voor het probleemloze verkeer van afval in de EU. Om de beschikbaarheid van gegevens over secundaire grondstoffen te verbeteren, werkt de Commissie verder aan de ontwikkeling van het onlangs opgestarte informatiesysteem voor grondstoffen en ondersteunt zij het onderzoek in de gehele EU naar stromen van grondstoffen. Zij ondersteunt ook de verbetering van de verslaglegging over de overbrenging van afval, onder meer door gebruik te maken van de beschikbare gegevens in het kader van de grensoverschrijdende elektronische uitwisseling van gegevens.

Een belangrijke factor bij het creëren van een dynamische markt voor secundaire grondstoffen is voldoende vraag, die door het gebruik van gerecycleerde materialen in producten en in infrastructuur wordt gestuurd. Naar bepaalde grondstoffen (bv. papier of metaal) is de vraag al groot; naar andere grondstoffen is de vraag nog in ontwikkeling. De rol van de particuliere sector bij het creëren van vraag en het bijdragen tot de vormgeving van toeleveringsketens is cruciaal; een aantal industriële en economische actoren hebben al in het openbaar de toezegging gedaan dat zij zowel voor de duurzaamheid als om economische redenen een bepaald niveau van gerecycleerde inhoud garanderen in producten die zij op de markt brengen. Dit moet worden aangemoedigd, aangezien marktgestuurde initiatieven een snelle manier kunnen zijn om tastbare resultaten te bereiken. Via hun aanbestedingsbeleid kunnen ook overheden bijdragen tot de vraag naar gerecycleerde materialen.

  • De Commissie maakt, waar nodig (met name voor kunststoffen), een begin met de werkzaamheden voor de ontwikkeling van kwaliteitsnormen voor secundaire grondstoffen en stelt verbeteringen voor van de regels betreffende de "einde-afvalfase".
  • De Commissie stelt een herziene meststoffenverordening voor om de erkenning van organische en op afval gebaseerde meststoffen in de eengemaakte markt te vergemakkelijken en aldus de rol van bionutriënten in een circulaire economie te ondersteunen.
  • De Commissie neemt een reeks maatregelen om het hergebruik van water te vergemakkelijken, waaronder een wetgevingsvoorstel over de minimumeisen voor hergebruikt water, bv. voor irrigatie en aanvulling van het grondwater.
  • De Commissie ontwikkelt een analyse en stelt opties voor op het raakvlak tussen de wetgeving betreffende chemische stoffen, producten en afval, onder meer over de wijze waarop de aanwezigheid van zorgwekkende chemische stoffen in producten kan worden verminderd en de tracering ervan kan worden verbeterd.
  • De Commissie zet de ontwikkeling van het onlangs opgestarte informatiesysteem voor grondstoffen voort en ondersteunt het onderzoek in de gehele EU naar stromen van grondstoffen.
    • 5. 
      Prioritaire gebieden

Een aantal bedrijfstakken staat voor specifieke uitdagingen in de context van de circulaire economie, vanwege de specifieke kenmerken van de producten of waardeketens in de bedrijfstak, de milieuvoetafdruk of de afhankelijkheid van grondstoffen van buiten Europa. Voor deze bedrijfstakken zijn gerichte maatregelen nodig om te waarborgen dat in de gehele waardeketen ten volle rekening wordt gehouden met de interactie tussen de verschillende fasen van de cyclus.

5.1.Kunststoffen

Voor de overgang naar een circulaire economie is het cruciaal meer plastic te recyclen. Het gebruik van kunststoffen is in de EU gestaag toegenomen, maar minder dan 25 % van het verzamelde kunststofafval wordt gerecycleerd en ongeveer 50 % wordt gestort. Grote hoeveelheden plastic komen ook in de oceanen terecht en één van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling voor 2030 is het voorkomen en aanzienlijk verminderen van allerlei soorten verontreiniging van de zee, waaronder zwerfvuil. Slimmere manieren van gescheiden inzameling en certificeringsregelingen voor inzamelaars en sorteerders zijn essentieel om recycleerbaar plastic naar recycling te leiden in plaats van naar stortplaatsen en verbranding. De aanwezigheid van gevaarlijke chemische additieven kunnen technische problemen opleveren en de opkomst van innovatieve soorten kunststof werpt nieuwe vragen op, bijvoorbeeld wat de biologische afbreekbaarheid van kunststof betreft. Innovatie in kunststoffen kan echter bijdragen tot een circulaire economie doordat voedingsmiddelen beter kunnen worden bewaard, kunststoffen beter kunnen worden gerecylceerd of het gewicht van materialen die in voertuigen worden gebruikt, kan worden verminderd gebruikt.

Om deze complexe en belangrijke kwesties aan te pakken, stelt de Commissie een strategie op voor de aanpak van de uitdagingen van plastic in de gehele waardeketen waarbij met de gehele levenscyclus rekening wordt gehouden 33 . Zij neemt ook stappen om aan de doelstelling van een aanzienlijke vermindering van zwerfvuil op zee te voldoen 34 . In het kader van de herziening in 2016 van de richtlijn betreffende havenontvangstvoorzieningen 35 pakt de Commissie ook het probleem van van schepen afkomstig zwerfvuil op zee aan en onderzoekt zij de mogelijkheden om de aflevering bij en adequate behandeling van scheepsafval door havenontvangstvoorzieningen te verbeteren. Een aantal andere onderdelen van dit actieplan draagt ook bij tot meer recycling van plastic, waaronder ecologisch ontwerp (punt 1.1), een EU-streefdoel voor de recycling van plastic verpakkingen (punt 3), kwaliteitsnormen en maatregelen om grensoverschrijdende handel in recycleerbare kunststoffen te vergemakkelijken (punt 4).

  • De Commissie stelt een strategie voor plastic in de circulaire economie vast waarin recycleerbaarheid, biologische afbreekbaarheid, de aanwezigheid van zorgwekkende gevaarlijke stoffen in bepaalde kunstoffen en zwerfvuil op zee worden aangepakt.
  • De Commissie stelt in de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen een ambitieuzer streefdoel voor de recycling van plastic verpakkingen voor.

    5.2.Levensmiddelenafval

Levensmiddelenafval is in Europa een steeds groter punt van zorg. De productie, distributie en opslag van levensmiddelen is niet mogelijk zonder natuurlijke hulpbronnen te gebruiken en milieueffecten te genereren. Het weggooien van levensmiddelen die nog eetbaar zijn, versterkt deze effecten en leidt tot financieel verlies voor consumenten en de economie. Levensmiddelenafval heeft ook een belangrijke sociale invalshoek: donaties van levensmiddelen die nog eetbaar zijn, maar die om logistieke of marketingredenen niet in de handel kunnen worden gebracht, moeten worden vergemakkelijkt. In september 2015 werd in het kader van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling voor 2030 tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het streefdoel vastgesteld om op het niveau van de detailhandel en consument het levensmiddelenafval per hoofd van de bevolking te halveren en om het voedselverlies in de productie- en toeleveringsketen te verminderen. De EU en haar lidstaten hebben zich aan de verwezenlijking van dit streefdoel gecommitteerd.

Levensmiddelenafval ontstaat overal in de waardeketen: tijdens de productie en distributie, in winkels, restaurants, cateringfaciliteiten en thuis. Dit maakt levensmiddelenafval bijzonder moeilijk te kwantificeren: er bestaat momenteel geen geharmoniseerde, betrouwbare methode om levensmiddelenafval in de EU te meten, waardoor het voor overheidsinstanties moeilijker wordt de omvang, de oorsprong en de tendensen in de loop van de tijd te beoordelen. Met het aanpakken van de meetbaarheid is een belangrijke stap gezet naar een beter begrip van het probleem, een samenhangende monitoring en verslaglegging, alsmede een doeltreffende uitwisseling van goede praktijken in de gehele EU. De Commissie ontwikkelt in nauwe samenwerking met de lidstaten en belanghebbenden een gemeenschappelijke EU-methode om levensmiddelenafval te meten.

Maatregelen van lidstaten, regio's, steden en het bedrijfsleven in de gehele waardeketen zijn van essentieel belang om voedselverspilling te voorkomen en uiteenlopende situaties in verschillende landen en regio's aan te pakken. Er zijn bewustmakingscampagnes nodig om tot gedragsverandering te komen. De Commissie ondersteunt bewustmaking op nationaal, regionaal en lokaal niveau en de verspreiding van goede praktijken voor de preventie van levensmiddelenafval 36 .

De Commissie creëert ook een platform over levensmiddelenafval, waar de lidstaten en alle actoren in de levensmiddelenketen bij elkaar worden gebracht. Dit platform dient ter ondersteuning van de verwezenlijking van het reductiestreefdoel voor levensmiddelenafval in het kader van de doelstellingen op het gebied van duurzame ontwikkeling door middel van passende maatregelen, de betrokkenheid van belanghebbenden, de uitwisseling van waardevolle en succesvolle innovatie en relevante benchmarking.

EU-maatregelen zijn ook van belang op gebieden waar voedselverspilling het gevolg kan zijn van de wijze waarop EU-wetgeving wordt geïnterpreteerd of toegepast. Dit geldt voor regels voor voedseldonaties aan voedselbanken en voor het gebruik van veilige onverkochte levensmiddelen als hulpbron in diervoeders – de Commissie neemt op deze twee gebieden maatregelen.

Een ander gebied waarop actie nodig zou kunnen zijn, betreft de datumaanduiding, met name de "ten minste houdbaar tot"-datum. Deze kan verkeerd worden geïnterpreteerd als een vervaldatum, en leiden tot het weggooien van veilige, eetbare levensmiddelen. De Commissie onderzoekt hoe een beter gebruik en begrip van datumaanduidingen door de verschillende actoren in de levensmiddelenketen kunnen worden bevorderd. De EU heeft ook maatregelen vastgesteld om te voorkomen dat vissersvaartuigen eetbare vis terug in zee gooien 37 .

Om de verwezenlijking van het streefdoel van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling op het gebied van levensmiddelenafval te ondersteunen en de bijdrage van actoren in de voedselvoorzieningsketen te maximaliseren, zal de Commissie:

  • een gemeenschappelijke EU-methode voor het meten van levensmiddelenafval ontwikkelen en relevante indicatoren vaststellen. Zij zal een platform creëren waarbij lidstaten en belanghebbenden worden betrokken om de verwezenlijking van het streefdoel van de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling op het gebied van levensmiddelenafval te ondersteunen via de uitwisseling van beste praktijken en de beoordeling van de voortgang in de loop van de tijd;
  • maatregelen treffen om de EU-wetgeving op het gebied van afval, levensmiddelen en diervoeders te verduidelijken en het doneren en gebruik van voormalige voedingsmiddelen en bijproducten van de voedselketen aan en in de diervoederproductie te vergemakkelijken zonder de veiligheid van levensmiddelen en diervoeders in gevaar te brengen; en
  • onderzoeken hoe het gebruik van een datumaanduiding, en met name de houdbaarheidsmarkering, door actoren in de voedingsketen en het begrip daarvan door de consument kunnen worden verbeterd.

    5.3.Kritieke grondstoffen

Kritieke grondstoffen zijn grondstoffen die voor de EU van groot economisch belang zijn, en waarvan de levering is kwetsbaar voor onderbreking 38 ; in sommige gevallen heeft de winning ervan ook aanzienlijke gevolgen voor het milieu. Deze grondstoffen worden vaak in elektronische apparaten gebruikt 39 . Gezien de momenteel zeer geringe mate van recycling van deze grondstoffen gaan er aanzienlijke economische kansen verloren. Betere terugwinning van kritieke grondstoffen is om al deze redenen een van de uitdagingen die op weg naar een meer circulaire economie moet worden aangepakt.

De bestaande EU-wetgeving moedigt het recycleren van elektronisch afval aan, onder meer door middel van verplichte streefdoelen 40 ; maar alleen hoogwaardige recycling kan de terugwinning van kritische grondstoffen waarborgen. Een van de uitdagingen is het verzamelen, demonteren en recycleren van producten die dergelijke materialen bevatten. Het is van groot belang om de recycleerbaarheid van elektronische apparaten door middel van het productontwerp (zie punt 1.1) te verbeteren, waardoor de economische levensvatbaarheid van het recyclingproces wordt verbeterd. In haar herziene voorstellen betreffende afvalstoffen moedigt de Commissie de lidstaten aan de recycling van kritieke grondstoffen te bevorderen.

Andere belemmeringen zijn onder meer onvoldoende uitwisseling van informatie tussen fabrikanten en recyclers van elektronische producten, het ontbreken van normen voor recycling en een gebrek aan gegevens voor economische actoren over de mogelijkheden voor gerecycleerde kritieke grondstoffen. Dergelijke grondstoffen kunnen ook van stortplaatsen worden teruggewonnen (bv. uit afgedankte elektronische apparaten) of in bepaalde gevallen uit mijnbouwafval. De Commissie ontwikkelt de uitwisseling van programma's, gegevens en informatie op het gebied van op innovatie gericht onderzoek en bevordert beste praktijken voor al deze onderwerpen. Om een samenhangende en doeltreffende aanpak te waarborgen, om de belangrijkste informatiebronnen aan te geven en om opties voor verdere maatregelen vast te stellen, stelt de Commissie een verslag op over kritieke grondstoffen in een circulaire economie.

  • De Commissie neemt een reeks maatregelen om de terugwinning van kritieke grondstoffen te bevorderen en stelt een verslag op over onder meer de beste praktijken en opties voor verdere maatregelen.
  • In haar herziene voorstellen betreffende afvalstoffen stimuleert de Commissie ook maatregelen van de lidstaten op dit gebied.

    5.4.Bouw en sloop

Qua volume zijn de bouw en de sloop een van de grootste afvalbronnen in Europa. Veel van het materiaal kan worden gerecycleerd of hergebruikt, maar de hergebruik- en recyclingpercentages lopen binnen de EU sterk uiteen. De bouw speelt ook een rol in de milieuprestaties van gebouwen en infrastructuur tijdens de levensduur daarvan.

De recycling van bouw- en sloopafval wordt door een verplicht streefdoel voor de gehele EU gestimuleerd 41 , maar in de praktijk moeten de uitdagingen nog worden opgepakt om het afvalbeheer in deze bedrijfstak te verbeteren. Waardevolle materialen worden bijvoorbeeld niet altijd herkend, apart ingezameld of adequaat teruggewonnen. De Commissie ontwikkelt voor dat doel specifieke richtsnoeren voor sloopwerkzaamheden, waaronder de behandeling van gevaarlijke afvalstoffen, en in de herziene voorstellen betreffende afvalstoffen bevordert zij systemen voor het sorteren van bouw- en sloopafval. Zij draagt bij tot de verspreiding van beste praktijken door vrijwillige recyclingprotocollen te ontwikkelen die voor elke afvalstroom op de hoogste gemeenschappelijke normen zijn gebaseerd. Voorts werkt de Commissie momenteel aan een studie om de belemmeringen en stimulansen voor de recycling van bouw- en sloopafval in kaart te brengen, alsmede de beste praktijken op dit gebied.

Gezien de lange levensduur van gebouwen is het van groot belang verbeteringen in het ontwerp te bevorderen die de milieueffecten van gebouwen verminderen en de duurzaamheid en recycleerbaarheid van de componenten ervan vergroten. De Commissie ontwikkelt indicatoren voor de beoordeling van de milieuprestaties gedurende de levenscyclus van een gebouw 42 en bevordert door middel van grote demonstratieprojecten en richtsnoeren inzake groene overheidsopdrachten het gebruik ervan voor bouwprojecten.

  • De Commissie neemt een reeks maatregelen om terugwinning van waardevolle hulpbronnen en passend afvalbeheer in de bouw- en sloopsector te waarborgen en om de beoordeling van de milieuprestaties van gebouwen te vergemakkelijken.

    5.5.Biomassa en producten van biologische oorsprong

Materiaal van biologische oorsprong, d.w.z. gebaseerd op biologische hulpbronnen (zoals hout, gewassen of vezels), kan voor een breed scala aan producten (bouw, meubelen, papier, levensmiddelen, textiel, chemische stoffen enz.) en energiedoeleinden (bv. biobrandstoffen) worden gebruikt. De bio-economie biedt derhalve alternatieven voor producten en energie van fossiele oorsprong en kan tot een circulaire economie bijdragen. Materiaal van biologische oorsprong kan ook voordelen bieden wat hernieuwbaarheid, biologische afbreekbaarheid en composteerbaarheid betreft. Anderzijds moet bij het gebruik van biologische hulpbronnen aandacht wordt besteed aan milieueffecten van de levenscyclus en de duurzame verwerving. De vele mogelijkheden voor het gebruik ervan kunnen ook tot concurrentie leiden en druk op het landgebruik creëren. De Commissie onderzoekt hoe haar strategie voor een bio-economie uit 2012 43 bijdraagt tot een circulaire economie en gaat na of actualisering noodzakelijk is.

In een circulaire economie zou, waar zinvol, een stapsgewijze benutting van hernieuwbare bronnen, met verschillende hergebruik- en recyclingcycli, moeten worden aangemoedigd. Materiaal van biologische oorsprong zoals hout kan op meerdere manieren worden gebruikt en hergebruik en recycling kunnen meerdere keren plaatsvinden. Dit sluit goed aan bij de toepassing van de afvalhiërarchie (onder meer voor levensmiddelen - zie punt 5.2) en meer in het algemeen bij de mogelijkheden die tot het beste algehele milieuresultaat leiden. Nationale maatregelen zoals een regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor meubelen of houten verpakkingsmateriaal of de gescheiden inzameling van hout kunnen een positieve impact hebben. De Commissie werkt aan het identificeren en uitwisselen van beste praktijken in deze bedrijfstak en bevordert innovatie; de herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen bevatten ook een verplicht streefdoel voor de gehele EU voor de recycling van houten verpakkingsmateriaal. Bovendien bevordert de Commissie, wanneer zij in het kader van de energie-unie de duurzaamheid van bio-energie onderzoekt, synergieën met een circulaire economie.

Ook de biogebaseerde sector heeft potentieel getoond voor innovatie op het gebied van nieuwe materialen, chemische producten en processen, die een integraal deel van een circulaire economie kunnen uitmaken. De verwezenlijking hiervan is met name afhankelijk van investeringen in geïntegreerde bioraffinaderijen, die biomassa en bioafval voor verschillende gebruiksdoeleinden kunnen verwerken. Via onderzoeksfinanciering 44 ondersteunt de EU dergelijke investeringen en andere innovatieve projecten die op de bio-economie zijn gebaseerd.

  • De Commissie bevordert efficiënt gebruik van hulpbronnen van biologische oorsprong door middel van een reeks maatregelen, waaronder richtsnoeren en verspreiding van beste praktijken betreffende de stapsgewijze benutting van biomassa, en door ondersteuning van innovatie in de bio-economie.
  • De herziene wetgevingsvoorstellen betreffende afvalstoffen bevatten een streefdoel voor de recycling van houten verpakkingsmateriaal en een bepaling om de gescheiden inzameling van bioafval te waarborgen.
    • 6. 
      Innovatie, investeringen en andere horizontale maatregelen

De overgang naar een circulaire economie is een systemische verandering. Naast doelgerichte maatregelen die gevolgen voor elke fase van de waardeketen en voor belangrijke sectoren hebben, moeten de voorwaarden worden gecreëerd waaronder een circulaire economie tot volledige ontplooiing kan komen en middelen worden gemobiliseerd.

Innovatie speelt een belangrijke rol in deze systemische verandering. Om onze manier van produceren en consumeren te heroverwegen en om afval in producten met een hoge toegevoegde waarde om te zetten, hebben wij nieuwe technologieën, processen, diensten en bedrijfsmodellen nodig die voor de toekomst van onze economie en onze samenleving bepalend zullen zijn. Daarom is ondersteuning van onderzoek en innovatie een belangrijke factor voor het stimuleren van de overgang. Bovendien draagt innovatie ook bij tot het concurrentievermogen en de modernisering van de EU-industrie. Het werkprogramma voor 20162017 van Horizon 2020 bevat een belangrijk initiatief: "Industrie 2020 in de circulaire economie", waarin meer dan 650 miljoen EUR is uitgetrokken voor innovatieve demonstratieprojecten ter ondersteuning van de doelstellingen van een circulaire economie en van het concurrentievermogen van de industrie in de EU in een breed scala van industriële activiteiten en diensten, waaronder procesindustrieën, productie en nieuwe bedrijfsmodellen. In het kader van het initiatief wordt ook een experimentele aanpak onderzocht om vernieuwers te helpen die met belemmeringen van regelgevende aard (bv. dubbelzinnige wettelijke bepalingen) worden geconfronteerd, door het sluiten van overeenkomsten met belanghebbenden en overheden ("innovatiedeals").

Dit initiatief komt nog bovenop een heel scala van bestaande Horizon 2020-programma's ter ondersteuning van innovatieve projecten die relevant zijn voor een circulaire economie, op gebieden zoals preventie en beheer van afval, levensmiddelenafval, herproductie, duurzame procesindustrie, industriële symbiose en de bio-economie 45 . Deze zullen worden aangevuld met de uitvoering van het actieplan voor eco-innovatie 46 .

Ook in het kader van het cohesiebeleid zijn belangrijke mogelijkheden voor de financiering van op innovatie gericht onderzoek beschikbaar: de circulaire economie is een van de prioriteiten van de lidstaten en regio's in hun strategieën voor slimme specialisatie 47 . De Commissie blijft hen ondersteunen, ook via het platform voor slimme specialisatie.

Voor de ontwikkeling van een circulaire economie zijn ook publieke en particuliere financieringsbronnen nodig om verbeterde technologieën en processen op grotere schaal toe te passen, infrastructuur te ontwikkelen en de samenwerking tussen actoren in de waardeketen te intensiveren. Financieringsprogramma's van de EU als het Cohesiebeleid, Life en Cosme zullen aanzienlijke steun aan deze doelstellingen verlenen. De middelen van het Cohesiebeleid worden bijvoorbeeld ingezet voor een groeiend aantal programma's ter ondersteuning van een circulaire economie, waaronder steun voor hergebruik en reparatie, verbeterde productieprocessen, productontwerp en het mkb 48 . In dit verband helpt de Commissie de lidstaten, de regio's en de lokale overheden bij het versterken van hun aanpak van een circulaire economie door middel van gerichte voorlichtingsactiviteiten. Particuliere financiering moet worden gericht op de nieuwe door de circulaire economie gecreëerde mogelijkheden. Voor de financiële sector kan dit betekenen dat dergelijke projecten aanzienlijk verschillen van "business as usual". Het Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI) is een instrument dat voor de financiering van dergelijke investeringen kan worden gebruikt. Samen met de Europese Investeringsbank (EIB) en het Europees investeringsadviescentrum gaat de Commissie voorlichting geven om financieringsaanvragen aan te moedigen en de ontwikkeling van projecten en investeringsplatforms te ondersteunen die relevant zijn voor een circulaire economie, bijvoorbeeld op het gebied de recycling van kunststoffen of mineralen. Er zullen stappen worden ondernomen om sectoroverschrijdende clusters te ontwikkelen en middelen bij elkaar te leggen om projecten met een Europese dimensie te formuleren 49 . Daarnaast kunnen projecten betreffende een circulaire economie in het kader van het InnovFin-programma profiteren van de advies- en investeringsinstrumenten van de EIB 50 . De Commissie overweegt eveneens de mogelijkheid om samen met de EIB en nationale banken een platform op te zetten voor de ondersteuning van de financiering van een circulaire economie.

Het mkb, waaronder sociale ondernemingen, zal een belangrijke bijdrage aan een circulaire economie leveren: kleine en middelgrote ondernemingen zijn bijzonder actief op gebieden als recycling, reparatie en innovatie. Maar zij worden ook met specifieke uitdagingen geconfronteerd, zoals toegang tot financiering, en het probleem om rekening te houden met een circulaire economie, als dat niet tot hun kernactiviteiten behoort. Zoals in het Groene Actieplan voor het MKB uit 2014 vermeld 51 , ondersteunt de Commissie deze ondernemingen, analyseert zij de belemmeringen die zij ondervinden op weg naar een beter gebruik van hulpbronnen en beter afvalbeheer, en stimuleert zij innovatie en samenwerking in en tussen sectoren en regio's. Ook biedt de Commissie sociale ondernemingen toegang tot financiering 52 .

Voor de overgang naar een circulaire economie is ook gekwalificeerd personeel met specifieke en soms nieuwe vaardigheden nodig, alsmede werkgelegenheidskansen en mogelijkheden voor sociale dialoog. Het op alle niveaus ontwikkelen van de juiste vaardigheden kan alleen worden bereikt met ondersteuning van de onderwijs- en opleidingsstelsels. De Commissie geeft gevolg aan haar initiatief voor groene werkgelegenheid 53 met maatregelen om op behoeften te anticiperen en om de ontwikkeling van vaardigheden en andere maatregelen ter ondersteuning van het scheppen van banen in de groene economie te stimuleren. Zij treedt ook op via haar aanstaande Agenda voor nieuwe vaardigheden voor Europa.

De wereldwijde dimensie van de circulaire economie en van de toeleveringsketens springt in het oog op terreinen als duurzame verwerving, zwerfvuil op zee, levensmiddelenafval en de steeds sterker geglobaliseerde markt voor secundaire grondstoffen. Bij de uitvoering van dit actieplan werkt de Commissie nauw samen met internationale organisaties en andere belangstellende partners in het kader van de wereldwijde inspanningen om de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling voor 2030 te halen.

Tot slot betrekt de Commissie belanghebbenden actief bij de uitvoering van dit actieplan, met name via bestaande sectorale platforms. Dit wordt aangevuld met verdere steun voor publiek-private partnerschappen, vrijwillige bedrijfsstrategieën, uitwisseling van beste praktijken tussen lidstaten en regio's, en omvat tevens overleg met sociale partners wanneer veranderingen belangrijke sociale gevolgen kunnen hebben.

  • Het werkprogramma van Horizon 2020 voor 20162017 bevat een grootschalig initiatief betreffende "Industrie 2020 in de circulaire economie" met financiële steun van meer dan 650 miljoen EUR.
  • De Commissie start een proefproject voor "innovatiedeals" om potentiële belemmeringen van regelgevende aard voor vernieuwers op te sporen en aan te pakken.
  • De Commissie gaat meer doen om belanghebbenden voor een circulaire economie te mobiliseren en met name voor de uitvoering van dit actieplan. Zij voert ook gerichte voorlichtingsactiviteiten uit om bij de ontwikkeling van projecten in het kader van een circulaire economie te helpen om verschillende bronnen van EU-financiering aan te boren, met name de fondsen voor het cohesiebeleid.
    • 7. 
      Toezicht op de voortgang naar een circulaire economie

Het is belangrijk om over een reeks betrouwbare indicatoren te beschikken om de voortgang naar een meer circulaire economie en de doelmatigheid van de maatregelen op Europees en nationaal niveau te beoordelen. Eurostat verzamelt al heel wat relevante gegevens die de basis voor dit toezicht kunnen vormen. Bovendien bevatten het Resource Efficiency Scoreboard (scorebord voor hulpbronnenefficiëntie) 54 en het Raw Materials Scoreboard (scorebord voor grondstoffen) 55 relevante indicatoren en analyses die voor het volgen van de voortgang bijzonder nuttig zijn.

Op deze basis werkt de Commissie nauw samen met het Europees Milieuagentschap (EEA) en in overleg met de lidstaten aan een voorstel voor een eenvoudig en doeltreffend toezichtkader voor de circulaire economie. In aanvulling op de bovengenoemde twee scoreborden omvat dit kader een reeks belangrijke, zinvolle indicatoren die de belangrijkste elementen van een circulaire economie vastleggen. Deze worden in samenhang met de verslaglegging van de Commissie over de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling bekendgemaakt en bevatten nieuwe indicatoren betreffende levensmiddelenafval (zie punt 5.2) en indicatoren die op bestaande gegevens van Eurostat en andere officiële gegevens zijn gebaseerd, op gebieden als de continuïteit van de voorziening van belangrijke grondstoffen, reparatie en hergebruik, afvalproductie, afvalbeheer, de handel in secundaire grondstoffen in de EU en met derde landen, en het gebruik van gerecycleerde materialen in producten. Indien nodig worden maatregelen getroffen om de kwaliteit van bestaande gegevens te verbeteren. Vijf jaar na de vaststelling van dit actieplan brengt de Commissie verslag uit over de voortgang met de uitvoering ervan.

In nauwe samenwerking met het EEA en in overleg met de lidstaten ontwikkelt de Commissie een toezichtkader voor de circulaire economie dat wordt opgezet om op basis van betrouwbare bestaande gegevens de voortgang doeltreffend te meten 56 .

  • 8. 
    Conclusie

In dit actieplan wordt een concreet en ambitieus EU-mandaat vastgelegd om de overgang naar een circulaire economie te ondersteunen. Ook een blijvende, brede inzet van alle bestuursniveaus in de lidstaten, regio's en steden en van alle betrokkenen is nodig. De Commissie verzoekt het Europees Parlement en de Raad om dit actieplan te onderschrijven en om zich actief in te zetten voor de uitvoering ervan, in nauwe samenwerking met alle betrokken partijen.

(1)

 Growth within a circular economy vision for a competitive Europe, rapport van de Ellen MacArthur Foundation, het McKinsey Centre for Business and Environment en het Stiftungsfonds für Umweltökonomie und Nachhaltigkeit (SUN), juni 2015.

(2)

Richtlijn 2009/125/EG. Deze richtlijn heeft betrekking op alle energiegerelateerde producten.

(3)

Er wordt geraamd dat de richtlijn inzake ecologisch ontwerp samen met de geldende maatregelen voor energie-etikettering tegen 2020 een besparing van 175 Mtoe primaire energie oplevert.

(4)

Bv. ecologisch ontwerp, energie-etikettering, milieukeur, groene overheidsopdrachten en andere relevante productwetgeving.

(5)

Met name de in oktober 2015 aangenomen strategie "Handel voor iedereen".

(6)

  http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52014DC0440  

(7)

Om de toegang van het mkb tot technologische dienstencentra op het gebied van sleuteltechnologieën te vergemakkelijken.

(8)

Naar aanleiding van de lopende geschiktheidscontrole.

(9)

  http://ec.europa.eu/environment/etv/etv_preprog.htm  

(10)

Met name CO2.

(11)

Een aantal fabricagestappen waarmee het afgeschreven onderdeel of product wordt teruggebracht in een staat waarin het als nieuw of beter kan presteren, met de desbetreffende garantie.

(12)

Oproep voor het indienen van voorstellen voor fabrieken van de toekomst, 2014 – oproep voor het indienen van voorstellen betreffende industriële symbiose, 2014.

(13)

  http://ec.europa.eu/regional_policy/index.cfm/en/information/legislation/guidance/  

(14)

Dit gebeurt in het kader van de reguliere geplande herzieningen van de BREF's.

(15)

Zie het consumentenmarktonderzoek naar milieuclaims voor niet-voedingsproducten: http://ec.europa.eu/consumers/consumer_evidence/market_studies/environmental_claims/index_en.htm

(16)

In het kader van Richtlijn 2005/29/EG betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten.

(17)

 COM(2013) 196 final. Momenteel wordt in proefprojecten getest. Afhankelijk van de resultaten van de proefprojecten overweegt de Commissie de verdere toepassing van de methode van de milieuvoetafdruk van producten.

(18)

 Naar aanleiding van de lopende geschiktheidscontrole.

(19)

 COM(2015) 341 final.

(20)

 Op basis van gegevens die voor markttoezichtautoriteiten meetbaar zijn, en zonder aanzienlijke negatieve gevolgen voor de begrijpelijkheid en doeltreffendheid van het etiket voor klanten.

(21)

 Op grond van Richtlijn 99/44/EG moet de verkoper in de eerste zes maanden na levering bewijzen dat op het tijdstip van levering geen gebrek aan conformiteit bestond. Daarna ligt de bewijslast bij de koper.

(22)

In het kader van de geschiktheidscontrole van de consumentenwetgeving die in het werkprogramma van de Commissie voor 2015 (COM(2014) 910 final, bijlage III) is aangekondigd.

(23)

Zoals stimuleringsregelingen voor gemeenten of gedifferentieerde tarieven voor afval, waarbij huishoudens (bijvoorbeeld) betalen naargelang van de hoeveelheid niet-recycleerbaar afval dat zij weggooien.

(24)

 COM(2015) 550 final.

(25)

In overeenstemming met de wereldwijde duurzame-ontwikkelingsdoelstelling om duurzame praktijken bij overheidsopdrachten te bevorderen.

(26)

Onder meer door doelgerichte opleidingen.

(27)

In het voorstel worden voor metalen aparte subdoelen voor aluminium en ferrometalen ingevoerd.

(28)

http://ec.europa.eu/environment/waste/packaging/index_en.htm

(29)

Onder meer door innovatieve benaderingen.

(30)

  Verordening (EU) nr. 660/2014 van 15 mei 2014

(31)

Op enkele uitzonderingen na zoals staal of papier – bv. 5 % voor kunststoffen.

(32)

Zoals aangekondigd in het Zevende Milieuactieprogramma.

(33)

In deze strategie wordt ook een vervolg aan het groenboek over kunststofafval gegeven.

(34)

In haar mededeling "Naar een circulaire economie: Een afvalvrij programma voor Europa" heeft de Europese Commissie een streefdoel voorgesteld "voor het uiterlijk in 2020 verminderen van zwerfvuil op zee met 30 % voor de tien meest voorkomende soorten zwerfvuil die op stranden worden gevonden en voor vistuig dat op zee wordt aangetroffen, waarbij deze lijst wordt aangepast aan elk van de vier mariene regio's in de EU". De werkzaamheden om dit streefdoel te bereiken zijn in Europa al gestart.

(35)

Richtlijn 2000/59/EG.

(36)

  http://ec.europa.eu/food/safety/food_waste/stop/index_en.htm

(37)

 Artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1380/2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid.

(38)

De Europese Commissie heeft hier een lijst van kritieke grondstoffen bekendgemaakt: http://ec.europa.eu/enterprise/policies/raw-materials/critical/index_en.htm , hieronder vallen bv. zeldzame aardmetalen en andere edele metalen, maar ook fosfor.

(39)

Zoals zeldzame aardmetalen in elektronische beeldschermen of edele metalen in printplaten.

(40)

  http://ec.europa.eu/environment/waste/weee/index_nl.htm  

(41)

  http://ec.europa.eu/environment/waste/construction_demolition.htm  

(42)

Ter uitvoering van de Mededeling over mogelijkheden voor hulpbronnen-efficiëntie in de bouwsector

(43)

COM(2012) 60 final.

(44)

  http://ec.europa.eu/research/bioeconomy/index.cfm  

(45)

Horizon 2020-werkprogramma voor 2014-2015; oproep tot het indienen van voorstellen voor het aandachtsgebied "Waste: a resource to re-use, recycle, and recovery raw materials" (Afval: een hulpbron om te hergebruiken, te recycleren en grondstoffen uit terug te winnen); http://ec.europa.eu/research/participants/data/ref/h2020/wp/2014_2015/main/h2020-wp1415-climate_en.pdf ; thema milieu van het zevende kaderprogramma, oproep tot het indienen van voorstellen voor 2013 betreffende hulpbronnenefficiëntie: http://ec.europa.eu/research/participants/data/ref/fp7/132129/f-wp-201301_en.pdf  

(46)

  http://ec.europa.eu/environment/ecoap/index_en.htm  

(47)

  http://s3platform.jrc.ec.europa.eu/home  

(48)

  http://ec.europa.eu/regional_policy/nl/policy/what/investment-policy/  

(49)

  http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=COM:2012:0209:FIN:NL:PDF  

(50)

  http://www.eib.org/products/blending/innovfin/?lang=en – de Commissie zal het toepassingsgebied van het InnovFin-instrument uitbreiden om te waarborgen dat een breder scala aan innovatieve projecten betreffende de circulaire economie in aanmerking komen.

(51)

  http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52014DC0440  

(52)

 Via het EU-programma voor werkgelegenheid en sociale innovatie (EaSI): http://ec.europa.eu/social/main.jsp?catId=1081&langId=nl  

(53)

  COM(2014) 446 final

(54)

  http://ec.europa.eu/eurostat/web/environmental-data-centre-on-natural-resources/resource-efficiency-indicators/resource-efficiency-scoreboard  

(55)

Ontwikkeld in het kader van het Europese Innovatiepartnerschap inzake grondstoffen - wordt bekendgemaakt op https://ec.europa.eu/growth/tools-databases/eip-raw-materials/en/content/eip-raw-materials-monitoring-and-evaluation-scheme

(56)

 en nieuw ontwikkelde gegevens over levensmiddelenafval (zie punt 5.2).

 
 

2.

Uitgebreide versie

Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met de juridische context.

De uitgebreide versie is beschikbaar voor betalende gebruikers van de EU Monitor van PDC Informatie Architectuur.

3.

EU Monitor

Met de EU Monitor volgt u alle Europese dossiers die voor u van belang zijn en bent u op de hoogte van alles wat er speelt in die dossiers. Helaas kunnen wij geen nieuwe gebruikers aansluiten, deze dienst zal over enige tijd de werkzaamheden staken.

De EU Monitor is ook beschikbaar in het Engels.