Doorstroom in onderwijs voorkomt ‘had ik maar…’

Met dank overgenomen van L. (Loes) Ypma i, gepubliceerd op woensdag 22 april 2015, 17:31.

Foto Wikimedia / Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Niet elk kind weet met twaalf jaar al wat hij of zij wil worden en welke opleiding daarvoor nodig is. Toch vragen wij dat van hen. We plakken in groep 8 van de basisschool een schooltype op elk kind: jij bent een vmbo-beroeps-kind, jij een havo-kind. Dit label krijgen kinderen er steeds lastiger weer af, als blijkt dat ze toch een hoger niveau aankunnen. Onderwijs is de motor van de emancipatie en de verheffing. Daarom moet de weg naar een hoger niveau gemakkelijker worden, om te voorkomen dat we later denken: ‘had ik maar…’ of ‘was er maar iemand geweest die…’.

Juffen en meesters weten het beste wat kinderen aankunnen. Ze kennen het kind op de basisschool al 8 jaar en kijken veel breder dan een momentopname van een toets. Daarom heb ik de wet zo aangepast dat hun schooladvies weer bepaald naar welke middelbare school een kind mag. De eindtoets (Cito) is daarbij de second opinion om onderadvisering te ontdekken. Leerkrachten mogen gemengde adviezen (bijvoorbeeld havo-vwo) geven zodat kinderen langer de kans krijgen om te laten zien welk niveau het beste bij ze past.

Doorstroom binnen ons onderwijssysteem is een heel groot goed. Het zorgt ervoor dat kinderen uiteindelijk een diploma halen op het niveau dat ze aankunnen. Helaas wordt stapelen steeds moeilijker, zo blijkt uit onderzoek van de Onderwijsraad. Ik wil dat dit meer gestimuleerd wordt, sterker nog; dat kinderen ieder jaar de kans krijgen om door te stromen, bijvoorbeeld na 2 vmbo naar 2 havo en na 3 havo naar 3 vwo. Daarnaast moeten kinderen vakken waar ze heel goed in zijn op een hoger niveau kunnen volgen, zodat ze hun wiskundetalent of talenknobbel verder kunnen uitbouwen en op een hoger niveau examen doen, met een aantekening op hun diploma. Deze jaarlijkse beoordeling moet een automatisme op iedere school worden; onderdeel van gesprek tussen school, kind en ouders.

Kinderen krijgen dan echt de kans om te laten zien wat ze kunnen, ook laatbloeiers. Over deze en andere maatregelen denk ik graag met u na, ik zou alle geïnteresseerden graag willen uitnodigen voor een brainstormbijeenkomst op dinsdagavond 19 mei, 19:00 uur, in de Tweede Kamer (aanmelden via d.khodabaks@tweedekamer.nl)

Zo bieden we ieder kind de kans z’n talent te ontdekken en verder te ontwikkelen, ook kinderen die pas op 14- of 16-jarige leeftijd laten zien dat er meer in zit. En voorkomen we hopelijk dat ze later denken: ‘had ik maar…’.